Bijdrage

07 nov. 2025

Begroting 2026

Eerste termijn
Ik moet u iets bekennen. Ik heb een zwak voor stoere jongens, niet voor de macho’s, maar voor de nozems, vrijgevochten en zelfbewust. Met een mooi kuifje, grappig, en te herkennen aan hun donkere borstelige haren. De nozems van het bos, ze worden ook wel de tuinman van de natuur genoemd.

Verheugd was ik dan ook om te lezen dat in het zwijnenadvies geadviseerd wordt om de wilde zwijnen eindelijk leefgebieden en rustgebieden te gunnen. Echter, tegelijkertijd wordt in datzelfde advies ook geadviseerd om 24/7 wilde zwijnen te mogen schieten. Wij zien hier een duidelijke tegenstelling in: op papier krijgt het zwijn de erkenning die het verdient, maar in de praktijk zijn ze nog steeds vogelvrij, in plaats van kogelvrij.

Wij dienen dan ook de motie ‘rust in de rustgebieden voor zwijnen’ in. En de daarbij behorende motie om ook de migratieroutes van zwijnen te vrijwaren van afschot.

Om te voorkomen dat wilde zwijnen schade aanrichten is het volgens de Partij voor de Dieren veel nuttiger om de gegunde leefgebieden te verbeteren. Daarbij denken wij bijvoorbeeld aan de kwaliteit van het voedselaanbod, zoals bosranden met wilde fruit- en notenbomen, of het planten van sleedoorn of brem. En het mooie is: dit is niet alleen fijn voor het zwijn, maar het zorgt ook voor een verbetering van de biodiversiteit voor het gehele gebied. Daarom dienen wij dan ook samen met GroenLink, PvdA en D66 de motie ‘landschapsinrichting als preventieve maatregel' in.

Wat goed is voor de dieren, is ook goed voor de mensen.

Brabant zit op het stikstof slot en dat levert allerlei beperkingen op. Er is vandaag al veel over gesproken. We kunnen daar uit komen door de natuur gezonder en robuuster te maken, goed voor mens en dier. Maar dan moeten we daar wel vol voor gaan.

En de financiële mogelijkheden zijn er. We hebben immers ruim 506 miljoen euro in de algemene reserve, laten we die nu eens inzetten voor de ecologische verbindingszones, waar nog geen middelen beschikbaar voor zijn, waar een tekort op is van 13 miljoen euro.

En voor de faunapassages geldt dit evenzeer: om de 200 afgesproken faunapassages te realiseren is nog 8 miljoen nodig. Verwaarloosbare bedragen als je ziet wat het ons oplevert. We dienen dan ook de motie ‘een sleutelpositie voor ecologische verbindingszones’ en een motie ‘een sleutelpositie voor faunapassages in’. Ik zou zeggen: het kan wel!

Wij vragen ook speciaal aandacht voor de kleine faunavoorzieningen. Alle kleine beetjes helpen namelijk veel kleine beestjes. Op dit moment is het zo dat faunapassages gekoppeld zijn aan het onderhoud of aanleg van provinciale wegen. Maar er zijn ook faunapassages hard nodig op die plekken waar geen, of voorlopig geen wegonderhoud plaatsvindt.

Wij vinden het jammer dat faunapassages automatisch gekoppeld zijn aan dit onderhoud. Voor grotere passages kunnen we dit deels nog wel volgen vanuit kostenoogpunt en efficiëntie. Maar voor kleinere passages, die veelal gemakkelijker toepasbaar zijn en vaak minder duur, kunnen we dit niet volgen. En we vinden dat we op deze manier kansen laten liggen. 

Ik denk dan aan passages voor bijvoorbeeld reptielen zoals hagedissen, of amfibieën zoals kikkers en padden. Droge duikers/buizen die bij een bestaande weg door het weglichaam worden geperst zijn daarvoor een goede oplossing. En we dienen dan ook de motie 'kleine faunavoorzieningen' in.

Via de grotere dieren en kleine dieren op het land, ga ik naar de dieren in de lucht, de vogels. In het verleden is er al eens motie aangenomen die wij samen met JA21 en PvdA hebben ingediend over faunabeschermende maatregelen bij windturbines.

Deze motie is echter nog niet voldoende uit de verf gekomen. Vandaar dat wij samen met JA21 en Volt het verzoek doen om een vervolgonderzoek te laten uitvoeren. En omdat het natuurlijk niet alleen een Brabants probleem is, lijkt het ons goed om daarin de samenwerking met de andere provincies en organisatie op te zoeken en de kosten met elkaar te delen.

Grote dieren, kleine dieren, vliegende dieren. Laten we de piepkleine dieren niet vergeten. Piepkleine dieren die gekweekt worden in gevangenschap: vliegen. We snappen werkelijk niet dat de provincie middelen heeft besteed aan het bevorderen van de insectenkweek. En we zijn dan ook verheugd om te lezen dat er in 2026 geen middelen meer aan besteed worden vanuit de provincie. Echter, het wordt nog wel steeds als voorbeeld aangehaald in de begroting, waarbij de provincie wel faciliteert en aanjaagt op dit gebied.

Insecten als veevoer en voor menselijke consumptie; een verkeerde gang van zaken, wat ons betreft. En ook helemaal niet nodig. Er worden alle zoveel andere en betere stappen vanuit de provincie gecoördineerd en geïnitieerd om de plantaardige eiwittransitie te bevorderen. En gelooft u mij: een koe eet echt het liefste gras. We dienen dan ook een amendement in waarbij insecten als eiwitbron niet meer in de begroting worden opgenomen.

Ik kom tot een afronding. Maar voor ik dat doe ben ik benieuwd welke stappen de gedeputeerde al heeft ondernomen, naar aanleiding van de toezegging bij de perspectiefnota, om in gesprek te gaan met de waterschappen, om te kijken naar de mogelijkheden voor een verbreding van de agrarische vertegenwoordiging in de waterschappen. Graag een reactie van de gedeputeerde hierop.

En last but not least: van de kleine dieren die in gevangenschap leven voor menselijke en dierlijke consumptie, de vliegen, naar alle dieren die op Brabantse bedrijven gehouden worden. Veel organisaties onderschrijven dat natuurlijk gedrag hoort bij een dierwaardigere veehouderij: van de Producenten Organisatie Varkenshouderij tot de Raad voor Dierenaangelegenheden. Deze dieren zouden als principe van dierwaardige veehouderij meer natuurlijk gedrag moeten kunnen vertonen, en we dienen daartoe dan ook de motie ‘natuurinclusieve landbouw, inclusief natuurlijk gedrag’ in.

En voorts ben ik van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.


Tweede termijn
Laat ik positief beginnen: de Partij voor de Dieren waardeert de reactie van Gedeputeerde Staten ten aanzien van de motie 'landschapsinrichting als preventieve maatregel'. Het vormen van natuurlijke barrières voor zwijnen helpt akkers te beschermen en daarmee ook de boeren. En het is ook nog eens goed voor de biodiversiteit.

Het zal u niet verbazen dat we teleurgesteld zijn in de reacties op de twee moties die we hebben ingediend om de wilde zwijnen daadwerkelijk een beter bestaan te geven. We hebben in het nieuwe advies weliswaar de nulstand losgelaten, maar zonder feitelijke rustgebieden zijn de zwijnen nog steeds vogelvrij. Als de zwijnen ten allen tijde mogen worden gedood, zelfs terwijl ze rusten, of zich op een migratieroute bevinden, wordt de voortplantingsprikkel alleen maar sterker. Het resultaat: een sterker groeiende populatie zwijnen met alle gevaren van dien.

Als ik goed geïnformeerd ben zullen wij als Provinciale Staten eind van dit jaar/begin volgend jaar nog in de gelegenheid gesteld worden om een oordeelsvormende bijeenkomst te beleggen. Mijn vraag daarbij aan de gedeputeerde: krijgen wij dan ook echt de kans om wensen en bedenkingen te geven, en dat deze wensen en bedenkingen worden meegenomen bij de vaststellingen van het beleid? Het antwoord daarop is wat ons betreft van belang of wij de twee moties gaan aanhouden of toch in stemming brengen vandaag.

Uiteraard betreuren wij de reactie van het college dat er niet de dappere keuze gemaakt word om in te zetten op het inrichten van de 175 ha ecologische verbindingszones en de 200 ontbrekende faunapassages. Er is niet voor niets 506 miljoen euro in de algemene reserve. Het kan wat ons betreft wel, maar het zijn de politieke keuzes die gemaakt worden waardoor het niet kan.

De motie over het vervolgonderzoek naar innovatieve geverfde windturbine wieken houden wij aan, ervan uitgaand dat de gedeputeerde ons informeert over het wetenschappelijk onderzoek dat nu loopt. Het is al wat later op de avond dus toch even voor de volledigheid: kan de gedeputeerde dit toezeggen?

Het is goed om te horen dat de gesprekken met de waterschappen, over een verbreding van de agrarische vertegenwoordiging in de waterschappen, loopt. Zou de gedeputeerde ons te zijner tijd kunnen informeren als er concrete zaken uit deze gesprekken  volgen, en ook als dit niet het geval is?

Ik ben positief begonnen en wil ook graag positief eindigen. We zijn zeer verheugd met de positieve reactie van de gedeputeerde op onze motie ‘natuurinclusieve landbouw, inclusief natuurlijk gedrag’.