10 apr. 2026
Perspectiefnota 2027
Eerste termijn
Geachte voorzitter, geachte collega Statenleden, beste dierenvrienden,
Om met de woorden van de woordvoerder van Lokaal Brabant af te trappen, tijdens de themabijeenkomst dierenwelzijn: “dierenwelzijn is een onderwerp waar we een hele dag over kunnen praten”. En dat zou ook moeten, want als ik de woordvoerder van het CDA citeer: “dierenwelzijn is een kernwaarde”. Het CDA en de Partij voor de Dieren zijn het hier roerend met elkaar over eens, en dat mag ook wel eens gezegd worden.
De SP wil meer samenhang op het beleid op dierenwelzijn, benoemde het gebrek aan middelen, bijvoorbeeld ten aanzien van wildwaarschuwingssystemen. Ik zeg: ja, helemaal mee eens! En ook met onze collega’s van de VVD hebben we het nodig bereikt op het gebied van dierenwelzijn, maar geen cent te veel, hè.
Nog een kleine bloemlezing van mijn collega Statenleden, bij de themabijeenkomst dierenwelzijn: Er werd gesteld dat de we de huisdieren niet moeten vergeten, er moet fatsoenlijk met dieren omgegaan worden, dierenwelzijn moet breed bekeken worden. Was het een bijproduct of gingen we echt sturen, vroeg een partij zich af. De brandveiligheid van de stallen werd benoemd, en er was zelfs een partij die Ghandi citeerde.
Kortom: dierenwelzijn wordt belangrijk gevonden in de Staten van Brabant. Ik zou zeggen: houd deze gedachte vast. En u wordt op uw wenken bediend in deze paar minuten die mij gegeven zijn.
Te beginnen met de huisdieren, de illegale hondenhandel. Moederhonden, veelal in Oost Europa, brengen hun leven door in kleine vieze hokken, en worden gedwongen om aan de lopende band pups te krijgen. De pups zijn niet veel beter af, ze worden te vroeg van de moeder gescheiden en leven vaak in hun eigen poep en plas, om daarna naar via websites als Marktplaats verkocht te worden als gezonde rashonden. Maar heel vaak blijkt een pup ernstig ziek na aankoop, soms met de dood tot gevolg. Kopers blijven achter met een hoop verdriet en kosten, en de verspreiding van ziektes zoals rabiës in Nederland, is een reëel risico.
Met name in Brabant is de illegale hondenhandel booming business, blijkt uit onderzoek van Follow the Money. Het is zo groot dat de NVWA het niet kan bijhouden. Hoog tijd dus, om hier als provincie meer aandacht aan te besteden, door in beeld te brengen wat de omvang is van de problematiek, en wat we eraan kunnen doen. We dienen hiervoor een motie in, samen met Lokaal Brabant.
We hebben een aantal themabijeenkomsten gehad over dierenwelzijn, maar zouden wij als Staten niet blijvend oog moeten houden voor het welzijn van dieren bij besluiten die raken aan dierenwelzijn, en dit dan ook niet meenemen in onze beoordeling? Zo kunnen we immers een betere integrale afweging te maken. We dienen daartoe een motie in.
‘Verrot goed’ is de motie die ziet op een kosteloze, volledig passieve manier om mineralen terug te brengen in onze bodem en evenwicht in de natuur te herstellen. Net als het toevoegen van kalk om de verzuring van de bodem tegen te gaan. Het Rijk, het Rijksvastgoedbedrijf, maakt de bodem beter door standaard dood wild te laten liggen en wij willen graag bezien in hoeverre onze terreinbeherende organisaties dit ook kunnen toepassen en dit met hen te bespreken. En uiteraard in die gebieden die daarvoor geschikt zijn, niet de gebieden langs wandelpaden, de druk bezochte recreatienatuur.
Recent is gesproken over BOEi, waarbij we de oproep deden om aan BOEi mee te geven te kijken welke kansen er voor dieren en natuur bij welk specifiek project passend zijn en daar ook op te investeren. De gedeputeerde deed de toezegging aan BOEi mee te geven dat ze zich hiervoor moeten inspannen. Dit is in wezen fauna-inclusief beleid. Nu geven wij dit BOEi wel mee, maar zouden we dit ook niet zelf moeten verankeren in ons eigen beleid, en fauna-inclusief onderdeel maken van natuurinclusief beleid? Want fauna-inclusief ziet niet alleen op gebouwen, maar ook op gebieden. Verblijfplaatsen en kansen voor dieren. En wij dienen daartoe dan ook de motie fauna-inclusief in.
De kool en de geit gaan wat ons betreft vandaag niet gespaard worden. Wij kunnen er als fractie met de pet niet bij dat de provincie de gezondheid van de Brabanders belangrijk vindt, en hen drie gezonde levensjaren erbij wil geven, en van de andere kant woningbouwprojecten faciliteert en financieel ondersteunt die dicht bij geitenhouderijen gebouwd worden, met alle mogelijke gevolgen van dien zoals een grotere kans op longontsteking. En daarbij in ogenschouw nemend dat de inwoners van Brabant gemiddeld al een jaar korter leven, door luchtvervuiling veroorzaakt door fijnstof en stikstof. En dat bij 1 op de 5 kinderen luchtverontreiniging de oorzaak is van hun astma. Wij dienen dan ook de motie in Nieuwbouwproject bij geitenhouderij: geen provinciale hulp daarbij.
Tenslotte dienen wij de motie Stikstofreductie niet ten koste van dierenwelzijn in. Wij pleiten voor meer inzet op biologisch, natuurinclusief en het houden van minder dieren. Deze week stond immers nog in het NRC dat boeren wel willen omschakelen, maar nauwelijks geholpen worden door de overheid. En daarbij gaat het niet alleen om helpen bij een technische of financiële keuze, maar ook over identiteit en sociale positie. Als provincie zouden we op zijn minst meteen de concrete maatregel kunnen nemen zelf louter biologisch voedsel in te kopen.
En voorts ben ik van mening dat er een einde moet komen aan de bio-industrie.
Tweede termijn
Allereerst veel dank aan het college, de gedeputeerden, voor de beantwoording en hun positieve reactie op de motie illegale hondenhandel en de motie verrot goed.
Ten aanzien van de motie verrot goed, wil ik nog verduidelijken dat het gaat om wilde dieren in de natuur, die daar al leven in dat gebied. En een dood dieren in de natuur hoeft in principe niets geks te zijn. Het is een natuurlijk proces waarmee de bodem versterkt wordt met mineralen en zo robuuster gemaakt wordt.
En ik proefde in de eerste termijn wat zorgen over gas, methaan, dat inderdaad uit een dood dier kan komen. Maar wanneer een groot hoefdier wordt meegenomen, worden sowieso altijd de ingewanden van het dier al achtergelaten in het veld. Maar wat nu juist zo nuttig is voor het herstellen van de mineralenbalans in onze bodem, is het achterlaten van de botten van het dier, en niet de ingewanden. Dus je zou kunnen zeggen dat er met het achterlaten van het hele dier de praktijk juist meer stikstof- en methaanneutraal wordt.
En ten overvloede: de motie vraagt slechts om in overleg te treden met de terreinbeherende organisaties om te bezien waar dit kan. Als het Rijk, het Rijksvastgoedbedrijf, hiervoor kiest, dan zou dat voor ons als Provincie toch ook het overwegen waard kunnen zijn.
Voor wat betreft de motie blijvend oog voor dierenwelzijn: de gedeputeerde geeft aan dat dierenwelzijn al meegenomen wordt in de beleidsafweging. Wat voor ons van belang is, is dat dit inzichtelijk gemaakt wordt voor de Staten – wij weten dat nu niet, en ook niet hoe die afweging gemaakt wordt. En met de toezegging dat wij een overzicht krijgen van beleidsonderwerpen waar dierenwelzijn meegewogen wordt, houden wij de motie aan.
Voor wat betreft woningbouw nabij geitenhouderij: ik hoorde in de beantwoording; we wachten op de Tweede Kamer, we weten nog niet precies wat de norm wordt. Maar we weten wél dat de geitenhouderij negatieve effecten heeft op de gezondheid van mensen. Wij kunnen als Brabant er toch zelf voor kiezen om 2 kilometer aan te houden? Voorkomen is beter dan genezen.
En ik zit er misschien scherp in, maar ik maak me oprecht zorgen. We kunnen het nu voor een deel nog voorkomen, door niet te bouwen in een zone van 2 km nabij geitenhouderijen. We hebben het vandaag gehad over zorgkosten en Q-koorts – ik wil niet dat we over een aantal jaar een debat met elkaar hebben over zorgkosten en longontsteking.
En wat te denken van kinderopvang in de buurt van geitenhouderijen of het risico op zoönosen? De partij voor de Dieren vindt dan je dan extra voorzichtig moet zijn, dat verstaan wij onder het zorgvuldigheidsbeginsel, en niet de randjes op gaan zoeken.
Wij vinden dat de provincie geitenboter op haar hoofd heeft, en voelen ons genoodzaakt om een aanvullende motie in te dienen. En dienen dan ook de motie Gezond wonen is belangrijker dan de geitenindustrie in, waarbij we Gedeputeerde Staten verzoeken gemeenten financieel te ondersteunen bij de uitkoop van geitenhouderijen, zodat mensen gewoon gezond kunnen wonen.
En ja, dat kost wat, maar je gaat toch niet voor de ene persoon zeggen "jij mag gezond wonen en jij niet"? Wat vinden we nu belangrijker in Brabant?