Opinie: Biogas: groen en duurzaam?


30 november 2008

Onderstaand opinieartikel is een reactie op:
http://www.bndestem.nl/algemeen/binnenland/4086987/Brabant-gaat-op-grote-schaal-biogas-maken.ece

Noord-Brabant krijgt een bedrijf dat op grote schaal biogas gaat produceren. Gaswinning: groen en duurzaam uit mest. Landbouworganisatie ZLTO en de provincie Noord-Brabant stoppen er veel geld in. Het vergt een investering van 45 miljoen euro. Maar, is dit gas wel ‘groen’ en ‘duurzaam’?

Om energie ‘duurzaam’ of ‘groen’ te kunnen noemen zijn een aantal zaken nodig.
Allereerst moet deze energie van een bron komen die hernieuwbaar is. Iets opmaken is immers per definitie niet duurzaam. Mest uit de veeteelt is hernieuwbaar. De gemiddelde econoom met tunnelvisie zal hierover weinig twijfels hebben. De bio-industriedieren stoppen niet met de productie van mest. Volgens recht toe recht aan economische wetten is al deze energie dus duurzaam te noemen. Duurzaamheid is echter niet alleen een economisch begrip. Ook de effecten op het milieu en ethische aspecten tellen mee bij de bepaling of iets duurzaam is of niet.

We moeten dus kritischer kijken naar alle zogenaamd “duurzame” energiebronnen. Dat levert al snel een paar problemen op rondom de zogenaamde biomassa-energie. Want, hoe komt genoemde biogasverbrander aan zijn biogas? Die komt van de bio-industrie die mest levert. Miljoenen dieren eten voedsel en produceren vervolgens miljoenen tonnen mest. Waar komt dat voedsel vandaan? Dat komt voor het overgrote merendeel uit ontwikkelingslanden. Enorme velden met soja en cassave. Daarvoor worden (regen)wouden gekapt. Alleen al voor onze eigen Nederlandse vleesconsumptie gebruiken we een areaal vier kier zo groot als Nederland!
Het verbouwen van veevoer concurreert daarmee direct met de voedselproductie van de lokale bevolking. Zelfs met honger tot gevolg! Daar komt nog bij de kap van regenwoud, waardoor hot spots van biodiversiteit verdwijnen, en het steeds maar weer achterlaten van uitgeputte grond die ten prooi valt aan erosie.

De kunstmest die men gebruikt, wordt geproduceerd met de eindige producten fosfaat en olie. De bijdrage van de dierindustrie aan het broeikaseffect is ondertussen welbekend (wereldwijd is dat 18 % tegenover 13% verkeer en vervoer). Vlees is daarmee het meest milieubelastende product uit ons voedselpakket. Ethische vragen ten aanzien van het welzijn van de dieren klinken ook al geruime tijd luid en duidelijk. De dieren zien nooit daglicht, ondergaan pijnlijke ingrepen en komen niet toe aan soorteigen gedrag.

Als we al deze aspecten in ogenschouw nemen, kunnen we veilig stellen dat de bio-industrie als geheel niet-duurzaam is. Ook de verbranding van restproducten van deze sector is daarom niet ‘duurzaam’ of ‘groen’. Om de burger mee te laten betalen om het mestprobleem van deze zeer onduurzame industrie op te lossen, gaat wel erg ver. De onlosmakelijke band tussen ZLTO en provincie Noord-Brabant wordt weer pijnlijk zichtbaar: het is te veel handen op één buik. Zo komen we nooit toe aan het verduurzamen van de wereldvoedselproductie. Dat moet echter prioriteit krijgen. Nu hebben we 6,5 miljard mensen op de wereld, straks 10 miljard. Die moeten allemaal eten. En dat kan: onder andere door onze vleesproductie terug te brengen. Door dat te doen helpen we tegelijkertijd ook een heleboel andere problemen de wereld uit.