Dier­enthuis Aarle Rixtel vecht voor haar bestaan


14 november 2008

’s-Hertogenbosch 6 november 2008. Stichting Dierenthuis, stond donderdag 6 november opnieuw voor de bestuursrechter in Den Bosch om een eerder genomen besluit van de gemeente Laarbeek aan te vechten. Deze keer werden zij gesteund door meer dan honderd dierenvrienden waaronder leden van de werkgroep Noord-Brabant van de Partij voor de Dieren. Tijdens de zitting bleek de gemeente Laarbeek onverminderd naar flauwe argumenten te blijven zoeken waarom het dierenthuis niet in het bestemmingsplan zou passen.

Bestemmingsplan


Alhoewel ruim van te voren de ‘grote zaal’ was gereserveerd werd de achterban naar een andere zaal verwezen. Iedereen heeft de zitting via een videoverbinding moeten volgen. De gemeente benoemde opnieuw vele vergezochte redenen waarom het opvangen van dieren op de huidige locatie volgens haar niet kan. Dierenthuis past hoe dan ook niet binnen het bestemmingsplan. De ene keer omdat het Dierenthuis geen pension is, de andere keer omdat het perceel een agrarische bestemming heeft. Opnieuw werd geroepen dat loslopende katten en honden in strijd zijn met de agrarische bestemming, hetgeen echter nergens in welke wetgeving dan ook is terug te vinden. Nieuw was dat het dierenthuis zelfs een bedreiging voor de natuur zou zijn. Dit was de rode draad van het pleidooi van de advocaat van de gemeente.

Vermeende overlast bij buren

Tijdens de rechtszitting diende ook het beroep van het de buren, een kunstenaarsechtpaar, de overbuurman en een geitenhouder. Zij klagen de gemeente aan om dat die niet over gaan tot het innen van de dwangsom van 75.000 euro en mogelijk het verwijderen van de dieren zolang de procedure loopt. De geitenhouder vindt dat het Dierenthuis net als zij moet voldoen aan de geldende wetten en regels voor de veehouderij. Ze weten kennelijk niet dat honden en katten huisdieren en geen landbouwdieren zijn. Verder klagen de omwonenden over stank- en geluidsoverlast en waarschuwen voor de verspreiding van ziektes, zonder dit te kunnen aantonen. De vermeende overlast heeft Dierenthuis inmiddels kunnen weerleggen met rapporten opgesteld door deskundigen.

Bioindustrie mag wel

Zeker voor wat betreft het overbrengen van ziektes is Dierenthuis gevrijwaard. Een gedegen rapportage van de GGD bewijst dit. Het reële gevaar voor de volksgezondheid in de omgeving zijn dierziektes als Q-koorts bij de geiten van de geitenhouder en MRSA bij de vele varkenshouderijen in de directe omgeving. Dat is meteen het wrange aan de hele situatie. In een dorp waar zonder enige vorm van protest tientallen verstopte bio-industrie bedrijven duizenden dieren een ellendig leven bezorgen, wordt het voortbestaan van het Dierenthuis, een subsidieloos eldorado voor kansloze asieldieren, bedreigt. En wat is de kern van de bedreiging? Er bestaan geen regels voor een grootschalige huiskameropvang, dus zoekt de gemeente regels op grond waarvan ingegrepen kan worden. De gemeente voelt zich gesteund door vermeende overlast die buren zouden ondervinden. Die overlast is door niemand feitelijk bewezen, en kan ook niet worden aangetoond om dat er geen overlast is. Ondertussen kosten de procedures alle partijen vele tonnen die veel beter besteed kunnen worden in de opvang van de dieren.

Dierenthuis: broodnodig

Er is een grote behoefte aan opvangmogelijkheden voor dieren die nergens meer terecht kunnen. Maar dat er voor het opvangen van de kansarmen in onze maatschappij veel hindernissen genomen moeten worden, daar kan Dierenthuis inmiddels een boek over vol schrijven. Het is een ware strijd tegen overheid, boeren, burgers en zelfs andere opvangcentra zien hun collega’s soms liever gaan dan komen. De overheid strooit met wetten en regels, boeren klagen over virussen en besmettingsgevaar, omwonenden houden van dieren, vinden het initiatief heel goed, maar niet hier. Het lot van de bewoners van Dierenthuis ligt op dit moment in handen van de rechter die naar verwachting binnen zes weken een uitspraak zal doen.