Opinie: Kans voor het wilde zwijn


29 november 2014

Op 25 november stond in de Gelderlander dat er een wild zwijn is gespot in Sint Anthonis. Bij sommige Brabantse inwoners gaan hiervan de nekharen overeind staan; nog een gemeente die niet veilig is voor de knorrende, verwoestende ziekte-verspreiders. Maar is daar wel reden voor? Of is dit juist een nieuwe kans om te bewijzen dat wij prima samen kunnen leven met de sus scrofa?

Zwijnen-stigma
De angst voor de zwijnen zit er goed in bij de agrariërs, zij hebben ‘de beelden van 1997 nog op het netvlies staan’. De vrees voor besmetting met varkenspest heeft menig veehouder in zijn greep, om over de aangevreten gewassen nog maar niet te spreken. Het risico op het overbrengen van dierziekten naar varkens is echter nihil. Uit metingen van de Universiteit van Wageningen blijkt dat de wilde zwijnen in Nederland de in de varkenshouderij gevreesde ziektes niet bij zich dragen.[1] De schade aan landbouwgewassen blijkt relatief klein ondanks dat er op veel plekken zwijnen zijn. Maar hoe komt het zwijn van zijn stigma af?

Afschot helpt niet
Het is inmiddels duidelijk dat het huidige zwijnenbeleid, voornamelijk afschot, geen oplossing biedt. De dieren zijn niet voor één gat te vangen. Het opjagen van wilde zwijnen zorgt ervoor dat jonge zeugen sneller geslachtsrijp worden en zich sneller voortplanten dan wanneer zij met rust worden gelaten. Daarnaast zorgt de jacht voor onrust op plekken waar zwijnen zich veilig voelen. Gevolg daarvan is dat de dieren 's-nachts actief worden in plaats van overdag. Tijdens de nachtelijke uren hebben automobilisten minder zicht op de weg waardoor de kans op een aanrijding toe neemt. Schieten op zwijnen heeft dus indirect meer zwijnen en meer kans op ongelukken tot gevolg.

Leefgebieden
Samen leven met de wilde zwijnen lijkt de enige bevredigende oplossing. Het toestaan van wilde zwijnen in daar voor geschikte omheinde leefgebieden zou een mooie kans zijn voor de provincie Noord-Brabant om natuurwaarden en recreatieve waarden te versterken. Wilde zwijnen horen van oudsher thuis in Brabant, net als u en ik. Een aantal natuurgebieden in Brabant en Limburg zijn potentieel geschikte leefgebieden voor zwijnen, voorbeelden hiervan zijn de Maasduinen, het Weerterbos en Kampina. Andere gebieden kunnen met een investering geschikt worden gemaakt.
Verder helpen goed hekwerk langs de provinciale wegen en snelheidsverlagingen in de avonduren de kans op aanrijdingen aanmerkelijk te verkleinen. Het omheinen van landbouwpercelen met zwijnengaas of schrikdraad kan de schade aan landbouwgewassen helpen voorkomen.

Samen met gemeenten en agrariërs
De provincie moet daarom, samen met grondeigenaren, investeren in omheinde leefgebieden en hekwerk. In samenspraak met gemeenten en agrariërs kunnen ook oude en nieuwe diervriendelijke middelen worden toegepast en getest. Mogelijk kan daar voor de agrariërs een financiële impuls tegenover staan, in de vorm van een subsidie, voor de omheining van landbouwgebieden. In gebieden waar het wilde zwijn opduikt, zoals het Land van Cuijk, staan burgers, agrariërs en gemeentes hopelijk positief en objectief tegenover een andere aanpak en zien ze in dat jagen niet helpt en dat het ook anders kan.

[1] Bruinderink et al. (2009) Ex ante evaluatie van maatwerk beheer van wilde zwijnen. Wageningen, Alterra, Alterra-rapport

Blijf op de hoogte van het laatste nieuws

    Abonneer op de nieuwsbrief