Statenlid Birgit Verstappen reageert op uithaal van boeren­voorman Antoon Vermeer naar natuur­or­ga­ni­saties en overheid


29 juni 2008

Landbouwvoorman Anton Vermeer heeft onlangs op een bijeenkomst in Tilburg fel uitgehaald tegen natuurorganisaties. Aanleiding was de aankoop van gronden tussen Udenhout en Biezenmortel door het Brabants Landschap. Deze organisatie wil hiermee een ecologische verbindingszone mogelijk maken tussen de natuurgebieden De Brand en De Leemkuilen. In beide gebieden komen boomkikkers voor: lands kleinste kikkertje, dat in Brabant nog maar op 4 plekken in kleine hoeveelheden voorkomt. Om te voorkomen dat deze soort helemaal uitsterft is het van belang om de leefgebieden met elkaar te verbinden, zodat er minder inteelt ontstaat en voorkomen wordt dat bij een calamiteit (bijv. langdurige droogte) alle dieren uit zo'n klein leefgebied verdwijnen.

De ZLTO vindt echter dat dieren maar genoegen moeten nemen met de bestaande natuurgebieden. Die natuurgebieden zijn vastgelegd en vormen tezamen een groen netwerk: de ecologische hoofdstructuur (EHS). Als dit netwerk inderdaad gerealiseerd zou zijn, zou het leefgebied van veel soorten veiliggesteld zijn. Maar grote delen van de EHS zijn nog niet verworven en thans in gebruik als landbouwgrond. In tegenstelling tot bijv. de aanleg van wegen, woonwijken en bedrijfsterreinen, kunnen gronden die toebedeeld zijn aan de EHS niet worden onteigend. Behalve dat zo het netwerk van natuurgebieden niet gerealiseerd kan worden, lukt het bijv. ook niet om de verdroging van natuurgebieden succesvol aan te pakken. Percelen die – ondanks het feit dat ze tot de EHS behoren – nog in gebruik zijn als akker, weiland of boomteeltkavel, houden het opzetten van de waterstand tegen.

Het gevolg hiervan is dat zeer kwetsbare soorten, zoals bijv. Boomkikker, maar ook vlinders als Spiegeldikkopje en Zilveren Maan, vogels als Grutto en Tureluur en planten zoals Slanke sleutelbloem, Dotterbloem, Klokjesgentiaan en inheemse orchideeën nog verder in aantal achteruitgaan en in Brabant bijna op uitsterven staan. Vreemd toch, dat Nederlanders zich wel druk maken over het voortbestaan van walvissen, tijgers en neushoorns, maar dat de natuur in eigen woonomgeving hen niet tot actie maant.

Anton Vermeer vindt dat de gronden die het Brabants Landschap nu heeft aangekocht boerengrond had moeten blijven. CDA-2e kamerlid Ger Koopmans ging nog een stapje verder. Het CDA-geluid dat Koopmans verkondigt houdt in dat landbouwgronden die ten prooi vallen aan stedelijke ontwikkelingen of infrastructuur in de toekomst gecompenseerd moeten worden binnen de EHS. Het CDA draait dus de rollen om en wil in plaats van meer natuur, minder natuur.

Ze verkopen deze truc door te stellen dat alle landbouwgrond nodig is voor voedselproductie. Er is immers honger in de wereld. Maar hoe kan het dan dat steeds meer akkergrond verandert in boomteelt? Daar valt niks van te eten! En hoe zit het dan met de invoer van grote hoeveelheden tapioca en sojameel uit de derde wereld, zelfs uit landen waar mensen honger lijden. Tapioca en soja worden hier verwerkt tot veevoeder, het vlees wordt voor vrijwel driekwart geëxporteerd en afgezet in west-Europa.

Wordt het niet eens tijd dat we hier een halt aan toeroepen?
Dat we in plaats van sierteelt ons eigen veevoer en voedsel (groenten) gaan verbouwen?
Dat we eens een dag minder vlees eten?

En dat we eindelijk eens aan natuurherstel gaan werken, zowel kwalitatief als kwantitatief. In 1988 is al afgesproken dat er een EHS moet worden gerealiseerd en dat deze in 2018 gereed moet zijn. In 1998 is al afgesproken dat de verdroging van natuurgebieden, eveneens in 2018, opgelost moet zijn. Door de tegenwerking van ZLTO en CDA gaan we dit niet redden. Hoe is het mogelijk het beleid met betrekking tot het buitengebied geheel ten dienste wordt gesteld van een kleine groep uit de samenleving: de agrarische ondernemers vormen slechts 4% van de beroepsbevolking. Heeft de rest van de bevolking geen recht op een schone en mooie leefomgeving, waar je prettig kunt wonen en recreëren? En hoe zit het met al die zeldzame planten en dieren? Wie zijn wij om die te laten uitsterven? Hebben zij geen recht van leven?