Beleids­kader Vrije Tijd, Cultuur en Sport 2021-2022


26 maart 2021

Kunst en cultuur is altijd een sector geweest waar men ervan uitgaat dat er geen droog brood mee te verdienen valt. In de huidige tijd valt er helemaal geen brood mee te verdienen, droog of niet.

In de voorgaande themavergaderingen is veel gesproken over de voorgenomen bezuinigingen. Volgens het bestuursakkoord moet Brabant een fijne, bruisende plek zijn. Bijzonder om te zien dat juist de portefeuilles die daarvoor moeten zorgen, cultuur en natuur, degene zijn die in deze periode moeten inleveren. Misschien moeten we de portefeuille energie omdopen tot ‘energuur’ voor wat bezuinigingsevenwicht. Mogelijk zorgt het ook voor wat energiebesparing, wie weet.

De Partij voor de Dieren is van mening dat in dit beleidskader niet bezuinigd hoeft te worden. Wij stemmen hier over een beleidskader dat een overbrugging is tot 2023, tot het grote beleidskader af is. Mijn voorstel is dan ook om in navolging van het zojuist besproken beleidskader Erfgoed ook dit beleidskader te verlengen en de middelen nog beschikbaar te houden. Daarmee bedoel ik hetgeen wat nu afgelopen is. Het lijkt ons in deze tijd van corona niet meer dan redelijk om de zwaar getroffen kunst- en cultuursector langer in het zadel te houden en niet nog harder om de oren te slaan met voorgenomen bezuinigingen.

Aan het begin van dit debat ging het al over topsportevenementen. De Partij voor de Dieren is van mening dat hier geen geld naartoe zou moeten gaan. In de topsportsector gaat veel geld om en het lijkt ons dan ook niet meer dan logisch dat wij hier als provincie onze handen financieel van af houden. Het geld dat wij nu investeren in die topsportevenementen kunnen we veel beter besteden aan de Brabanders zelf en ze niet een vegaworst voorhouden met zogenoemde voordelen, die twijfelachtig zijn. Als je wilt investeren in de gezondheid van de Brabanders, doe dit dan direct en niet via een groot wielrenevenement waar de Brabander zelf niet aan deelneemt.