Biodi­ver­si­teitstour Brabant infor­matief en confron­terend


27 mei 2010
De biodiversiteitstour door Brabant met Marc van Roosmalen mondde uit in een informatieve en confronterende dag. Van Roosmalen trok in gezelschap van Marianne Thieme, Birgit Verstappen en leden van de werkgroep van de Partij voor de Dieren Brabant in.
In de ochtend werd natuurgebied de Peel bezocht. De aftrap was een rit langs de vele grote veestallen die zich in de nabijheid van het kwetsbare natuurgebied bevinden. De ammoniak die deze bedrijven uitstoten vervuilt bodem, water en lucht en hierdoor verdwijnen vele plant- en diersoorten. Vervolgens trok de groep het gebied in om met eigen ogen te aanschouwen wat er nog over is van het eens zo rijke ecosyteem, en zich te laten informeren over het waardevolle werk dat gedaan wordt om De Peel te beschermen. Marc vertelt over het Amazonegebied als levend ecosysteem waar de mens nog geen sporen heeft achter gelaten. Het verschil met Nederland kan niet groter zijn. De Peel is mooi, maar bezien vanuit het perspectief van een levend ecosysteem toch ook een nachtmerrie. De mens moet hier alles zelf regelen, vaak tot op de cm2 nauwkeurig. De waterstand moet kunstmatig hoog gehouden worden, precies niet te veel of te weinig, om de verdroging tegen te gaan. De zuurgaad in de lucht moet constant gemonitord worden om de ammoniakuitstoot binnen de perken te houden, hetgeen in De Peel een onmogelijke opgave is gezien het grote aantal veebedrijven in de omgeving. Als het gebied onder deze omstandigheden met rust gelaten wordt, stort het in! Het is een dood ecosysteem dat in een natuurlijke vorm niet meer uit zichzelf kan bestaan. Natuurlijke ecosystemen kunnen alleen weer terugkomen als er werk gemaakt wordt van grote oppervlakken robuuste natuur, en een Europees netwerk van natuurgebieden, zoals nu nagestreefd wordt met de Ecologische Hoofd Structuur (EHS) en Natura 2000. Ook in Europa is het mogelijk weer oerbos te krijgen, maar dat vergt een grote, gezamenlijke inspanning.
De relatie met Brazilië kwam tijdens deze stop ook op een andere manier bloot te liggen. Verdwijnt er hier natuur als gevolg van de intensieve veehouderij, ook de Braziliaanse regenwouden slinken in alarmerend tempo omdat er in Europa zoveel veeindustrie is. Een rekensommetje om uit te rekenen hoeveel hectares oerbos verdwenen zijn voor sojaplantages om de soja te leveren die de Brabantse varkens en kippen opeten zou een interessante, alarmerende uitkomst krijgen. De enorme rijkdom aan planten en dieren die door het kappen op uitsterven staan, de inheemse volkeren die van hun land worden gejaagd en zelfs vermoord, is de dubieuze relatie die Nederland met Brazilië onderhoudt. Dit is het vergeten verhaal dat zelfs in de discussies over megastallen in Provinciale Staten geen plaats kreeg, ondanks verwoede pogingen van de Partij voor de Dieren om de werkelijke prijs van de veeindustrie op de agenda te krijgen.
De tweede stop van de tour was in een EHS gebied, het weidevogelgebied Den Opslag bij Hilvarenbeek. In het gebied, dat een van de belangrijkste vogelgebieden van Brabant voor o.a. de grutto is, wordt kunstmatig ingegrepen in de bestaande natuur. Het doel is om een beter leefgebied te vormen voor planten en dieren die van schrale grond houden. Echter dit gaat ten koste van de broedgronden voor de weidevogels. Hier wordt in een klein gebiedje gezocht naar een fragiel natuurlijk evenwicht, een evenwicht dat ook nog moet concurreren met landbouw, een snelweg en waterberging. De wandeling door het gebied en de informatie over het natuurbeleid was een goed voorbeeld van actueel Brabants natuurbeheer met al zijn complicaties.
De laatste stop van de dag was de vogelopvang in Zundert. In het centrum worden vele inheemse en exotische diersoorten opgevangen, meest vogels maar ook andere dieren die hulp nodig hebben, zoals reeën, egels en reptielen, vinden er een plaats. De dieren zijn slachtoffer van verkeer, vergifting of onwetende dierhouderij. Ook worden vogels opgevangen die door justitie in beslag zijn genomen bij illegale handelaren. Marc van Roosmalen heeft in Brazilië vele malen te maken gehad met handel in dieren uit het oerwoud. Als de dieren al onderschept worden kunnen ze niet meer terug de vrije natuur in, omdat het onmogelijk is te traceren waar de dieren gevangen zijn en het gevaar van genetische verstoring van sterke natuurlijke populaties op de loer ligt. Deze dieren eindigen als ze geluk hebben in opvangcentra zoals Zundert.
De tour leverde ontzettend veel gespreksstof op en was een bijzondere uitwisseling tussen mensen die zich op verschillende manieren inzetten voor het behoud van biodiversiteit.