Ondanks stank en dreigend verbod toch uitbrei­dingen nert­sen­houders


28 april 2015

De Partij voor de Dieren heeft vandaag Gedeputeerde Staten (GS) bevraagd over uitbreidingen van nertsenhouderijen in Haps en De Rips. De Brabantse Zorgvuldigheidsscore Veehouderij (BZV) is in het leven geroepen om de Brabantse veehouderij minder belastend te maken voor omwonenden, onder andere door het terugdringen van overlast te belonen met uitbreidingsmogelijkheden. Stankoverlast is voor nertsenhouders geen potentieel verbeterpunt in de BZV, terwijl omwonenden wel degelijk veel overlast ervaren. Deze overlast zal nog erger worden als de nertsenhouderijen gaan uitbreiden.

De partij wil weten hoeveel klachten de provincie van omwonenden heeft ontvangen en of GS bereid is om samen met gemeenten te onderzoeken hoe vaak overmatige stankoverlast van pelsdierhouderijen wordt ervaren. Fractievoorzitter Marco van der Wel: “Onlangs is uit onderzoek gebleken dat er een positief verband is tussen stankoverlast van veehouderijen en gezondheidsklachten die omwonenden ervaren. In dat kader is het onbegrijpelijk dat stank er blijkbaar niet toe doet als het om uitbreidingen van nertsenfarms gaat.”

De Rijksoverheid is in hoger beroep gegaan nadat de Wet verbod pelsdierhouderij in 2014 door de rechter buiten werking is gesteld. Recente ontwikkelingen wijzen er op dat de wet snel weer in werking zal treden. De Partij voor de Dieren wil weten wat dit voor consequenties voor de provincie en de pelsdierhouderijen met zich meebrengt.