Partij voor de Dieren verontrust over verstoren en verplaatsen bevers


1 mei 2015

De Partij voor de Dieren is verontrust over de ontheffing op voorhand die de Fauna Beheer Eenheid Noord-Brabant (FBE) heeft gekregen, waardoor in heel Brabant bevers kunnen worden verstoord en eventueel worden gevangen en verplaatst. De ontheffing is door de FBE aangevraagd op verzoek van de waterschappen en is bedoeld om meteen in te kunnen grijpen, zodra zich een situatie voordoet die gevaar voor het algemeen belang vormt, zoals het ondergraven van een dijklichaam of het verstoren van een waterloop.

De Partij voor de Dieren heeft hierover eerder vragen gesteld. Uit de antwoorden blijkt dat er momenteel geen sprake is van een acute bedreiging voor de veiligheid, maar dat er mogelijk in de toekomst, als het aantal bevers blijft toenemen, wel kans op beschadiging van een dijk is.

Bevers zijn strikt beschermd volgens de Flora- en faunawet en mogen niet zomaar worden verontrust of gevangen. Ingrijpen mag ook niet tot gevolg hebben dat de soort lokaal verdwijnt. Ook als er sprake is van een voldoende ernstige bedreiging van het algemeen belang, moet er eerst worden gekeken maar alternatieve oplossingen voor het probleem. Dergelijke alternatieven kunnen bestaan uit het aanpassen van het gebied waar de beverfamilie zich heeft gevestigd, bijvoorbeeld door de dijk af te gazen, een plas-drassituatie te creëren of een hoogwatervluchtplaats in de vorm van een terp aan te bieden.

Partij voor de Dieren-Statenlid Paranka Surminski: “In de toelichting bij de ontheffing staat dat de Zoogdiervereniging betrokken moet worden bij de eventueel te nemen maatregelen, maar in de feitelijke ontheffing staat niet dat de adviezen van de zoogdiervereniging dan ook dwingend moeten worden opgevolgd. Dat is iets waarvan wij vinden dat dat moet veranderen. We zullen de ontwikkelingen dan ook nauwlettend blijven volgen.”

De Partij voor de Dieren wil dat er een goede inventarisatie komt van situaties die mogelijk tot problemen zouden kunnen leiden en dat op voorhand, samen met de deskundigen van de zoogdiervereniging, moet worden gekeken naar mogelijke alternatieven, zodat tijdig de juiste maatregelen kunnen worden getroffen. Hiermee kan worden voorkomen dat zich een acute bedreiging van een dijk zal voordoen en dat de bevers daadwerkelijk moeten worden verjaagd of weggevangen.