Aanvul­lende vragen over ontwik­ke­lingen in of nabij Natura 2000-gebieden


Indiendatum: 17 nov. 2022

Geacht college,

Bij e-mail van 17 oktober 2022 heeft de fractie van de Partij voor de Dieren technische vragen over ontwikkelingen in of nabij Natura 2000-gebieden gesteld. Deze vragen zijn op 21 oktober beantwoord. De beantwoording heeft bij ons geleid tot aanvullende vragen. Meervoudig ruimtegebruik wordt de Brabantse standaard in het ruimtelijk domein omdat er niet voldoende grond beschikbaar is voor al onze ambities en doelstellingen.

1. Bent u met ons eens dat dit meervoudig ruimtegebruik niet ten koste mag gaan van de primaire functies van een gebied? Zo nee, waarom niet?

2. Indien ja bij de vorige vraag: Bent u met ons van mening dat hiervoor een betere prioritering van functies nodig is?

3. Indien nee bij de vorige vraag, kunt u onderbouwen waarom volgens u de prioritering in de IOV voldoende is?

4. Bent u van mening dat in de IOV voldoende is vastgelegd welke functies wel samen kunnen in een gebied en welke functies met elkaar conflicteren? Zo ja, waar blijkt dit volgens u uit?

Zelfs in de situaties waar wél goed is afgebakend wat wel en niet kan in een gebied, kan controle en handhaving in de praktijk complex zijn. Activiteiten die worden toegestaan kunnen op het moment van vergunningverlening acceptabel zijn, maar na verloop van tijd kan de situatie veranderen zoals we ervaren bij de vergunningverlening voor windturbines. Tevens kan een activiteit door kleine vergunningvrije cumulaties langzaam groeien en uiteindelijk – hoewel juridisch toegestaan - onacceptabel worden voor de rest van de omgeving.

5. Bent met ons eens dat idealiter niet alleen toezicht zou moeten zijn op vergunningverlening maar dat er ook toezicht zou moeten zijn op verdere groei van activiteiten, en vooral bij cumulatie van activiteiten? Zo nee, waarom niet?

6. Bent u van mening dat voldoende capaciteit, kennis en informatie beschikbaar is voor toezicht op verdere groei en cumulatie van activiteiten? Zo ja, waar blijkt dat uit?

7. Wat is het signaal vanuit gemeenten en Omgevingsdiensten daarover? Hebben zij voldoende kennis en ambtelijke capaciteit voor gedegen toezicht?

Door het gebruik van open normen (in de IOV en in het Omgevingsplan van gemeenten) krijgen initiatiefnemers meer ruimte om activiteiten uit te oefenen en krijgen de bevoegde gezagen meer afwegingsvrijheid in de vergunningverlening. Ook zijn door het gebruik van open normen de provinciale belangen zoals Natuur, minder strak omkaderd.

8. Bent u met ons eens dat er door het gebruik van open normen meer mogelijk is wat betreft activiteiten in de natuur? Zo nee, waarom niet?

9. Bent u met ons eens dat door het gebruik van open normen, de kans op procedures bij de rechter toeneemt en dat dit meer tijd en geld gaat kosten? Zo nee, waarom niet?

10. Bent u met ons eens dat in het geval van (bijvoorbeeld) een beroepszaak tegen een vergunning voor een activiteit die gevolgen heeft voor beschermde natuur, de rechter nu toetst aan normen en dat bij open normen de bescherming dus niet of minder goed geborgd is? Zo nee, waarom niet?

11. Bent u met ons eens dat het aangaan van een procedure om natuur te beschermen voornamelijk afhankelijk is van lokale natuurverenigingen (het zogenoemde piepsysteem) en dus onzeker, in elk geval geen level playing field tegenover de ruimere vergunningverlening die door de inwerkingtreding van de (I)OV en de Omgevingsplannen tot stand komt?

12. Indien nee bij de vorige vraag, waarom is de natuur volgens u straks nog even goed beschermd als wanneer er geen open normen worden gehanteerd?

Wij danken u bij voorbaat voor uw beantwoording.


Met vriendelijke groet,

Paranka Surminski
Partij voor de Dieren Noord-Brabant