Vragen over Besluit Natuur­be­heerplan 2019 van 9 oktober 2018


Geacht college,

Het Natuurbeheerplan 2018 wordt als volgt gewijzigd: Project de Run: verwijderen van 50,8 ha NNB, Beekdal Keersop-Dommelen: Toevoegen van 14,3 ha NNB en PIP N69 Keersopperbeemden: toevoegen van 10,7 ha NNB. Wij hebben hierover de volgende vragen.

Wat betreft het deelproject Beekdal Keersop-Dommelen is de gemeente Valkenswaard voornemens om de omliggende gronden, die dus buiten het NNB blijven, tevens natuurlijk in te richten en daarmee een robuust geheel te maken, ondanks de nabijheid van het dorp.

1. Waarom wordt ‘de nabijheid van het dorp’ expliciet genoemd? Voorziet u een moeilijkheid met zonering of anders?

2. Welke bescherming hebben deze gronden wanneer zij buiten het NNB blijven?

3. Kan daardoor het ‘robuust geheel’ later gemakkelijk in gevaar komen?

4. Waarom wordt hier de aanduiding Rijks NNB toegepast?

Door de grote hoeveelheid NNB die ingeleverd wordt bij het project de Run (50,8 ha) en het vooralsnog beperkte aanbod van nieuwe locaties voor compensatie (ca. 25 ha) is er een tekort van ca. 25 ha aan nieuwe locaties waar NNB gerealiseerd kan worden. Er wordt nu dus ca. 25 ha teveel NNB verwijderd. Er is door de gemeente Valkenswaard in het voorstel Herbegrenzing voorstellen Natuur Netwerk: Herbegrenzing NNB binnen Grenscorridorgebied N69, een tweede scenario opgesteld waarbij maar een deel van de begrensde te verwijderen NNB bij de Run wordt ingebracht. Daarmee zijn de in te leveren hectaren NNB in balans met de huidige voorstellen voor nieuw toe te voegen NNB, ca. 25.

5. Waarom neemt u er genoegen mee dat de gemeente de resterende hectaren pas later invullen binnen het gebied van de Grenscorridor N69?

6. Bent u bereid om dit tweede scenario in overweging te nemen zodat er een betere balans ontstaat tussen in te leveren en te compenseren NNB? Zo nee, waarom niet?

Als nadeel van dit 2e scenario wordt genoemd dat door de al gemaakte afspraken met grondeigenaren in het gebied er relatief veel provinciale NNB wordt ingebracht en weinig rijks NNB. Daardoor is er een tekort van ca. 20 ha aan in te leveren rijks NNB.

7. Zijn er gevolgen/consequenties wanneer er niet voldoende rijks NNB wordt ingeleverd? Zo ja, welke?

8. Bent u met ons eens dat een ecologische balans belangrijker is dan een administratieve balans? Zo nee, waarom niet?

Volgens het Natuurbeheerplan wordt bij project de Run (50,8 ha) NNB verwijderd. De nieuwe verbinding N69 komt in dit gebied te liggen. Eind 2014 heeft het bestuur van waterschap de Dommel, na een heroverweging van waterbergingsgebieden, besloten dat waterberging bij de Run meehelpt aan een duurzaam en robuust watersysteem. Nu constateert waterschap de Dommel dat de hoge ligging van de gronden van de beek nauwelijks zullen kunnen bijdragen aan realisatie van beekherstel van de Run en realisatie van natte natuurparel Grootgoor.

9. Hoe komt het dat waterschap de Dommel nu anders denkt over de mate waarop de Run bijdraagt aan een robuust watersysteem?

10. Blijft EVZ de Run, dat een verbindingszone vormt tussen de natuurgebieden De Kempen en het Dommeldal, wel intact? Zo nee, waarom niet?

11. Heeft de nieuwe verbinding N69, zoals nu gepland, ter plaatse van project de Run een negatieve invloed op de natuurwaarden die zich daar nu bevinden, indien de gronden de bestemming NNB zouden houden? Zo ja, welke invloeden zijn dat?

12. Zorgt de ‘verplaatsing van de NNB-natuur’ ervoor dat de aanleg van de N69 minder uitstoot op daarvoor gevoelige natuur tot gevolg heeft? Zo nee, waarom niet?


Met vriendelijke groet,

Paranka Surminski,
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 20 nov. 2018

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Waarom wordt ‘de nabijheid van het dorp’ expliciet genoemd? Voorziet u een moeilijkheid met zonering of anders?

Antwoord:
Nee, het is een uitdaging voor de gemeente om enerzijds vlak langs de beek binnen het NNB hoge natuurwaarden na te streven met hierin extensieve recreatie en anderzijds de meer intensieve recreatie voor al te laten plaatsvinden in de natuur buiten het NNB.


2. Welke bescherming hebben deze gronden wanneer zij buiten het NNB blijven?

Antwoord:
De gemeente heeft de verantwoordelijkheid om in het bestemmingsplan adequate bescherming vast te stellen.


3. Kan daardoor het ‘robuust geheel’ later gemakkelijk in gevaar komen?

Antwoord:
Nee, met de in het besluit opgenomen uitbreiding van het NNB in het beekdal Keersop-Dommelen wordt de NNB-begrenzing op zich robuust genoeg. De gemeentelijke aanvulling versterkt, maar is niet noodzakelijk.


4. Waarom wordt hier de aanduiding Rijks NNB toegepast?

Antwoord:
De beek de Keersop heeft een Natura2000-doelstelling. De N2000 doelstellingen zijn een opgave die de provincies van het Rijk hebben overgenomen en daarom in Brabant wordt aangeduid als Rijks NNB. Gronden die aanvullend begrensd worden ter versterking van NNB met Europese doelstelling krijgen daarmee eveneens de aanduiding Rijks NNB.


5. Waarom neemt u er genoegen mee dat de gemeente de resterende hectaren pas later invullen binnen het gebied van de Grenscorridor N69?

Antwoord:
De besluitvorming over de keuze tussen beide scenario’s heeft plaatsgevonden in het Bestuurlijk overleg Grenscorridor N69. Het is dan ook de keuze van dit BO (en niet van de gemeente) om in een later stadium met een aanvullend herbegrenzingsvoorstel te komen. Het provinciale beleid met betrekking tot herbegrenzing van het NNB is overigens niet gericht op een sluitende hectare boekhouding, maar op het op niveau houden van de ecologische waarden. Het onderhavige besluit voorziet daarin.


6. Bent u bereid om dit tweede scenario in overweging te nemen zodat er een betere balans ontstaat tussen in te leveren en te compenseren NNB? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
N.v.t. Zie antwoord op vraag 5.


7. Zijn er gevolgen/consequenties wanneer er niet voldoende rijks NNB wordt ingeleverd? Zo ja, welke?

Antwoord:
Nee, we beoordelen de balans tussen de oppervlakte Rijks NNB en provinciaal NNB op het niveau van de gehele provincie en niet regionaal in het gebied Grenscorridor N69.


8. Bent u met ons eens dat een ecologische balans belangrijker is dan een administratieve balans? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja. Zie ook antwoord op vraag 5.


9. Hoe komt het dat waterschap de Dommel nu anders denkt over de mate waarop de Run bijdraagt aan een robuust watersysteem?

Antwoord:
De opvatting van Waterschap de Dommel met betrekking tot de bijdrage van de Run aan een robuust watersysteem is niet gewijzigd. Wel is op basis van voortschrijdend inzicht (toepassing nieuw oppervlaktewater- en grondwatermodel) duidelijk geworden dat de gronden aan de zuidoostzijde van de Run hierbij nauwelijks een rol spelen. Dit in tegenstelling tot de gronden aan de noordwestzijde.


10. Blijft EVZ de Run, dat een verbindingszone vormt tussen de natuurgebieden De Kempen en het Dommeldal, wel intact? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Beleidsmatig is er geen sprake van een EVZ de Run. De Run zelf is onderdeel van het NNB en maakt deel uit van het Natura2000 gebied ‘Leenderbos, Groote Heide & De Plateaux’. Aan weerszijde van de Run zijn eveneens gronden begrensd als NNB. Hiermee heeft (het dal van) de Run ook een functie als ecologische verbinding. Deze functie blijft met de nu doorgevoerde herbegrenzing intact. Bovendien is er binnen het gebiedsproces sprake van diverse initiatieven om de smalle strook NNB langs de Run (tussen geplande nieuwe verbinding en de Volmolenweg) te verbreden. Vanuit onze wens om tot een robuust netwerk te komen, staan wij positief tegenover deze initiatieven.


11. Heeft de nieuwe verbinding N69, zoals nu gepland, ter plaatse van project de Run een negatieve invloed op de natuurwaarden die zich daar nu bevinden, indien de gronden de bestemming NNB zouden houden? Zo ja, welke invloeden zijn dat?

Antwoord:
Ja, de direct grenzende NNB-gronden aan de nieuwe weg gaan negatieve invloed ondervinden. Deze invloed van voornamelijk geluid is meegenomen in het natuurcompensatieplan en heeft geleid tot een grotere compensatieopgave.


12. Zorgt de ‘verplaatsing van de NNB-natuur’ ervoor dat de aanleg van de N69 minder uitstoot op daarvoor gevoelige natuur tot gevolg heeft? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Theoretisch kan bij herbegrenzing van NNB per saldo sprake zijn van een vermindering van de depositie op het NNB. Dit als er nieuwe NNB wordt begrensd buiten de invloedssfeer van de emissiebron. Dit is hier maar ten dele het geval.


Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA