Vragen over de kaalslag op een natuur­gebied in Zundert, die als compen­sa­tie­natuur is aangelegd


Geacht college,

Recent is een klein natuurgebied in Rijsbergen, gemeente Zundert, verdwenen (zie foto’s). Het betreffende gebied is in het verleden aangelegd als natuurcompensatie voor de aanleg van de hogesnelheidslijn (HSL), en vormt de aansluiting met een recent door de gemeente aangelegde ecologische verbindingszone. Het gaat om het gebied gelegen langs de A16/HSL, tussen de Paandijksestraat en de grens met België. Wij hebben hierover de volgende vragen.

1. Bent u bekend met de kaalslag van dit natuurgebied?

2. Wat is de reden voor het verdwijnen van het natuurgebied?

3. Kunt u bevestigen dat het betreffende natuurgebied jaren geleden is aangelegd als natuurcompensatie voor een gebied dat is aangetast ten behoeve van de HSL?

4. De natuur in het gebied is geheel verdwenen. Bent u met ons van mening dat de natuurwaarden dienen te worden hersteld? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

5. Is hier sprake van een onrechtmatige daad? Indien ja, wordt er door u actie ondernomen?

6. Indien ‘ja’ op vraag 3: welke natuurwaarden had het gebied dat heeft moeten wijken voor de HSL, en heeft het nu verdwenen natuurgebied die natuurwaarden kwalitatief geëvenaard?

In 2014 concludeerde de Zuidelijke Rekenkamer (ZRK) dat het provinciale natuurcompensatiebeleid verbetering behoefde. De provincie zou volgens de rekenkamer in haar handhavende rol nog te vaak onvoldoende krachtig optreden tegen gemeenten, bij het niet of onvoldoende nakomen van compensatie-afspraken.

7. Hoe is de kaalslag van het natuurgebied te bezien in het licht van het onderzoek van de ZRK?

8. Is er tussen de gemeente Zundert en de provincie contact geweest over het verdwijnen van het natuurgebied? Zo ja, wat is hierover vanuit de provincie kenbaar gemaakt richting de gemeente? Zo nee, waarom niet?

De provincie heeft n.a.v. het ZRK-onderzoek gesteld dat de planologische bestemmingswijziging voldoende zekerheid zou bieden dat natuurcompensatie op lange termijn veiliggesteld zou zijn.

9. Staat u nog achter uw stelling, nu blijkt dat een gemeente zich er niets van aantrekt?

10. Hoe kan de provincie voorkomen dat ook op andere locaties gemeentes zich niet houden aan de bescherming van natuurcompensatie (gerealiseerd of nog te realiseren)?


Met vriendelijke groet,

Paranka Surminski,
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 30 jul. 2019

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Bent u bekend met de kaalslag van dit natuurgebied?

Antwoord:
Ja.


2. Wat is de reden voor het verdwijnen van het natuurgebied?

Antwoord:
het gebied maakt onderdeel uit van het bestemmingsplan Business Centre Treeport, zoals dat op 27 november 2018 is vastgesteld. In dit bestemmingsplan heeft dit perceel de bestemming ‘Bedrijventerrein – aan boomteelt gelieerd’ gekregen. De velling maakt deel uit van de voorbereidende werkzaamheden ten behoeve van de ontwikkeling van de eerste fase van dit bedrijventerrein.


3. Kunt u bevestigen dat het betreffende natuurgebied jaren geleden is aangelegd als natuurcompensatie voor een gebied dat is aangetast ten behoeve van de HSL?

Antwoord:
Nee. Bij de realisering van de HSL-Zuid en de werken aan de A16 heeft natuurcompensatie plaatsgevonden volgens de uitgangspunten van het toenmalige Structuurschema Groene Ruimte. Deze natuurcompensatie is gerealiseerd tussen Terheijden en Breda (natuurgebieden De Werft en Lange Bunders Slangwijk) en ten westen van Prinsenbeek (Elshoutweg). De inrichting van het door u genoemde gebied maakt geen deel uit van de verplichte natuurcompensatie.

Wel maakt dit gebied deel uit van de in de tracébesluiten HSL-Zuid en A16 aangegeven zones die bestemd zijn voor inpassingsmaatregelen die tot doel hadden in de omgeving een landschappelijke meerwaarde te bereiken en het verstoren van de omgeving te beperken. Door de gemeente Breda is dit perceel in het Bestemmingsplan artikel 10 HSL/A16 (11-09-2002) bestemd als ‘Groenvoorzieningen: landschappelijke inpassingszone’. Bij de grenscorrectie in 2011 is dit gebied onderdeel geworden van de gemeente Zundert, die het gebied in het Bestemmingsplan Buitengebied Zundert (04-09-2012) heeft bestemd met de enkelbestemming Agrarisch. Inmiddels geldt ter plaatse het bestemmingsplan Business Centre Treeport en is de bestemming van dit perceel ‘Bedrijventerrein – aan boomteelt gelieerd’.


4. De natuur in het gebied is geheel verdwenen. Bent u met ons van mening dat de natuurwaarden dienen te worden hersteld? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, het bouwrijp maken van het gebied is conform het vastgestelde bestemmingsplan (zie antwoord op vraag 2) en past binnen het provinciaal ruimtelijk beleid.

Hoewel er dus geen planologische compensatie verplicht is, zijn de natuurwaarden van dit terrein wel door alle partijen erkend en de Coöperatieve Vereniging Treeport zal deze in het plangebied compenseren als aanvulling op de verplichte planologische compensatie. Uit de bijlagen bij de toelichting van het bestemmingsplan blijkt dat hiervoor een bedrag van €540.000 beschikbaar is. Bij de uitvoering is ook het Natuurplein De Baronie (samenwerkingsverband van natuurverenigingen in de regio) betrokken.

Voor wat betreft de Wet natuurbescherming heeft aan dit bestemmingsplan onder andere een Quickscan Natuurbescherming ten grondslag gelegen. Hieruit bleek dat in het onderhavige gebied geen soorten met een bijzondere beschermingsstatus aanwezig waren.

Naar aanleiding van een door de gemeente Zundert op 19 april 2019 doorgezonden verzoek van 4 maart 2019 om alsnog handhavend en herstellend op te treden tegen het verwijderen van een natuurgebied/ groenstrook in Zundert zonder de daarvoor benodigde vergunningen en/of ontheffingen, is door de Omgevingsdienst Brabant Noord op 30 april 2019 een veldcontrole uitgevoerd. Na ontvangst van aanvullende gegevens is door de ODBN op 4 juni een controlerapport opgesteld. Op basis van dit onderzoek zijn wij tot het oordeel gekomen dat zich bij het uitvoeren van het project geen overtredingen van de Wet natuurbescherming hebben voorgedaan.


5. Is hier sprake van een onrechtmatige daad? Indien ja, wordt er door u actie ondernomen?

Antwoord:
Nee.


6. Indien ‘ja’ op vraag 3: welke natuurwaarden had het gebied dat heeft moeten wijken voor de HSL, en heeft het nu verdwenen natuurgebied die natuurwaarden kwalitatief geëvenaard?

Antwoord:
Niet van toepassing, zie antwoord op vraag 3.


In 2014 concludeerde de Zuidelijke Rekenkamer (ZRK) dat het provinciale natuurcompensatiebeleid verbetering behoefde. De provincie zou volgens de rekenkamer in haar handhavende rol nog te vaak onvoldoende krachtig optreden tegen gemeenten, bij het niet of onvoldoende nakomen van compensatie-afspraken.

7. Hoe is de kaalslag van het natuurgebied te bezien in het licht van het onderzoek van de ZRK?

Antwoord:
Dit gebied is geen onderdeel van het Natuur Netwerk Brabant. Het verwijderen van het natuurgebied hoeft daarom op grond van de Verordening ruimte niet gecompenseerd te worden. Daarnaast is het gebied geen natuurcompensatie in de zin van de Verordening. Ook om deze reden hoeft het verwijderen van het gebied dus niet gecompenseerd te worden.


8. Is er tussen de gemeente Zundert en de provincie contact geweest over het verdwijnen van het natuurgebied? Zo ja, wat is hierover vanuit de provincie kenbaar gemaakt richting de gemeente? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja, in het kader van de bestemmingsplanprocedure is het bosje onderwerp van gesprek geweest tussen de provincie en de gemeente. Daarbij hebben wij aangegeven dat er strikt genomen geen sprake is van natuurcompensatie, maar hebben wij wel aandacht gevraagd voor de aanwezige natuurwaarden. Ook naar aanleiding van de velling is er contact met de gemeente geweest (zie ook antwoord op vraag 4).


De provincie heeft naar aanleiding van het ZRK-onderzoek gesteld dat de planologische bestemmingswijziging voldoende zekerheid zou bieden dat natuurcompensatie op lange termijn veiliggesteld zou zijn.

9. Staat u nog achter uw stelling, nu blijkt dat een gemeente zich er niets van aantrekt?

Antwoord:
Ja, de onderhavige casus staat los van het provinciale natuurcompensatiebeleid.


10. Hoe kan de provincie voorkomen dat ook op andere locaties gemeentes zich niet houden aan de bescherming van natuurcompensatie (gerealiseerd of nog te realiseren)?

Antwoord:
In het onderhavige geval is geen sprake van het zich niet houden aan de bescherming van natuurcompensatie door de gemeente Zundert. Het gebruik van het woord ‘ook’ in de vraag is daarom onterecht. Meer in zijn algemeenheid kunnen wij antwoorden dat, mede als gevolg van het ZRKonderzoek, het toezicht en de handhaving van de natuurcompensatie is aangescherpt. De procedure is als volgt;

  • In het ambtelijk vooroverleg (voorontwerp-bestemmingplan) vindt afstemming plaats tussen initiatiefnemer, gemeente en provincie (Planbegeleiding Ruimtelijke Ontwikkeling (PRO) en gebiedsadvisering Natuur) over de omvang van de aantasting en de daarmee samenhangende compensatie.
  • Deze compensatieopgave wordt door de gemeente in het bestemmingsplan vastgelegd en de uitvoering wordt, veelal met een overeenkomst met de initiatiefnemer, geborgd.
  • Zowel de aantasting als de compensatie worden via een besluit partiële wijziging Natuurbeheerplan (op kaart) vastgelegd.
  • Gelet op Vr2014, artikel 5.7 lid 5 dient de uitvoering van de fysieke compensatie binnen drie jaar na het onherroepelijk worden van het bestemmingsplan te worden afgerond.
  • Planbegeleiding Ruimtelijke Ontwikkeling (PRO) maakt voor elke compensatie een apart (natuurcompensatie-) dossier aan. Via het document Memo Toezicht Fysieke natuurcompensatie wordt de voortgang gecontroleerd via een opdracht aan de ODBN.


Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA