Vragen over een nieuwe vergun­ning­aan­vraag voor de verruiming van de grond­wa­ter­winning door Refresco


Geacht college,

De provincie Noord-Brabant heeft te kampen met verdroging van natuurgebieden en verontreiniging van het ondiepe grondwater, en moet alle zeilen bijzetten om deze situatie niet te laten verslechteren. Op 27 augustus 2018 heeft u te kennen gegeven dat Refresco een nieuwe aanvraag heeft gedaan betreffende een verruiming van de grondwaterwinning voor de productie van frisdranken te Maarheeze. De huidige grondwaterwinning is vergund tot een maximum van 500.000 m3/jaar (waarvan 117.000 m3 diep en 383.000 m3 ondiep). Refresco is voornemens om de productie uit te breiden en voorziet een uiteindelijke toename van de grondwateronttrekking van 500.000 m3/jaar naar uiteindelijk 750.000 m3/jaar (waarvan 117.000 m3 diep en 633.000 m3 ondiep). Wij hebben hierover de volgende vragen.

1. Bent u het met ons eens dat commerciële bedrijven niet meer ruimte mogen krijgen om water op te pompen uit een laag die bestemd is voor publieke drinkwaterwinning? Zo nee, waarom niet? Hoeveel (extra) m3 water per jaar mag volgens uw college nog worden onttrokken voordat de grens is bereikt?

Na de vorig jaar door uw college afgewezen aanvraag voor diepe waterwinning (500.000m3 per jaar) heeft Refresco nu besloten dat een extra 250.000 m3 water van de minder diepe bronnen wel van voldoende kwaliteit is voor de productie van frisdrank.

2. Is dit water uit minder diepe bronnen van mindere kwaliteit en zo ja, op welke manier?

3. Zou Refresco meer moeten investeren om dit water op een acceptabel kwaliteitsniveau te krijgen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, waar wordt dat uit betaald?

4. Gezien de mogelijk vergaande gevolgen van een beslissing op deze aanvraag; bent u voornemens om Provinciale Staten op enig moment te informeren over en/of te betrekken in het besluitvormingsproces? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

De aangevraagde verruiming van de grondwaterwinning is onderdeel van plannen om de productie uit te breiden en fysieke uitbreidingen te doen. Het water dat wordt opgepompt wordt met name gebruikt om internationale klanten te voorzien van water. Dus het kostbare grondwater dat u moet beschermen wordt afgevoerd naar het buitenland en in Noord-Brabant daalt de grondwaterstand. Dit is echter nog maar het begin; er is nog geen volledige voortoets gedaan ten behoeve van de uitbreiding. Er is alleen nog gekeken naar effecten op de grondwaterstand als gevolg van de grondwaterwinning. In een later stadium zullen de overige aspecten van de productie moeten worden beoordeeld op mogelijke effecten op beschermde natuurwaarden.

5. Kunt u de gevolgen overzien van het uiteindelijke doel dat Refresco voor ogen heeft, waarvan dit de eerste stap is? Graag een toelichting.

6. Bent u met ons van mening dat u niet aan uw plicht tot bescherming en verbetering van het leefmilieu kan voldoen als u besluit de aangevraagde vergunning aan Refresco te verlenen? Zo nee, waarom niet?

7. Op de locatie waar Refresco wil uitbreiden, zijn vier ondiepe bronnen en één diepe bron aanwezig. Eén ondiepe bron is buiten gebruik en zal niet meer in gebruik worden genomen. Waarom is dat?

Binnen het berekende hydrologische invloedsgebied bevindt zich een andere diepe onttrekking. Het betreft hier pompstation Budel. Hier wordt grondwater onttrokken voor de drinkwatervoorziening. De berekende stijghoogteverandering betreft maximaal 5 centimeter ten opzichte van de situatie waarin geen grondwateronttrekking plaatsvindt. Aangezien op de locatie reeds een diepe onttrekking aanwezig is zal vanuit de huidige situatie geen verandering ter plaatse van pompstation Budel optreden. Zodoende is volgens de MER bij de vergunningaanvraag op de locatie geen sprake van cumulatie.

8. Kunt u aan ons uitleggen op welke manier het onttrekken van meer grondwater, niet leidt tot cumulatie van grondwateronttrekking? Betekent dit, dat er feitelijk geen extra grondwater zal worden onttrokken als u besluit de vergunning aan Refresco verlenen? Zo nee, wat betekent het dan?

Verontreiniging in de exploitatiefase wordt volgens Refresco niet verwacht aangezien het in de aanvraag enkel een onttrekking van water betreft. Er wordt geen water of mogelijk verontreinigd water teruggevoerd in de bodem. Maar er wordt wel meer geproduceerd, anders is er ook geen extra water nodig. De Officier van justitie eiste op 26 september jongstleden bij de rechtbank in Den Bosch nog een boete van 75.000 euro, waarvan 25.000 voorwaardelijk, voor vier overtredingen van milieuwetten. Twee keer was er te zuur afvalwater geloosd op het riool en twee keer werd een incident niet acuut gemeld aan de Omgevingsdienst Zuidoost-Brabant terwijl dat wel een verplichting is. Dit zijn niet de enige overtredingen die de frisdrankproducent de afgelopen jaren heeft begaan.

9. Bent u met ons van mening dat wanneer de productie door Refresco wordt uitgebreid, de kans op overtredingen toeneemt? Zo nee, waarom niet?

10. Bent u van mening dat Refresco capabel genoeg is om te bedrijfsvoering veilig en verantwoord uit te breiden? Zo ja, waarom?

Het rapport van Royal HAS-koning noemt één storingsfactor, en dat is verdroging. Verdroging is een immens groot probleem dat vele facetten van onze natuur en samenleving raakt. In de effectenstudie voor de beoogde uitbreiding van Refresco, gepubliceerd op 5 juli 2018, staat dat aan het freatische pakket een netto grondwateraanvulling is toegekend. De netto grondwateraanvulling wordt bepaald door de hoeveelheid neerslag en de verdamping. Deze berekeningen zijn gedaan voordat de extreem hete zomer van 2018 aanbrak en er veel extra water is verdampt en gebruikt.

11. Bent u met ons eens dat de droogte toeneemt, doordat neerslag afneemt en verdamping toeneemt? Daarvan uitgaande, is het dan nog terecht en verantwoord om meer onttrekking te vergunnen?

12. Bent u met ons eens dat om deze reden, de berekeningen voor de grondwateraanvullingen opnieuw moeten worden uitgevoerd? Zo nee, waarom niet?

Voorafgaande aan de uitvoer van de berekeningen in de effectenstudie heeft ter controle een ijking van het grondwatermodel plaatsgevonden. Deze controle of validatie is noodzakelijk om uit te sluiten dat in het model afwijkingen zitten die leiden tot niet realistische uitkomsten. De beoogde uitbreiding van de waterwinning door Refresco resulteert in een afname van de freatische grondwaterstand en de stijghoogten in de eerste vier watervoerende pakketten en het achtste watervoerende pakket. De ijking is met name gedaan voor het eerste en het tweede watervoerende pakket ter plaatse van de onderzoekslocatie. De reden hiervoor is dat er in het gebied beperkt peilbuizen en dus beperkte gemeten grondwaterstanden beschikbaar zijn.

13. Bent u met ons van mening dat om bovenstaande reden, geen sprake kan zijn van een zorgvuldig onderzoek naar de afname van de grondwaterstand en dus ook geen sprake kan zijn van een door u zorgvuldig afgewogen besluit op de vergunningaanvraag? Zo nee, waarom niet?

14. Bent u met ons van mening dat gezien de belangen die spelen en de onzekerheden die worden geschetst er in ieder geval meer peilbuizen noodzakelijk zijn? Zo nee, waarom niet? Zo ja, op welke termijn kunnen die worden gerealiseerd? En bent u met ons van mening dat deze peilbuizen door Refresco moeten worden betaald? Zo nee, waarom niet?

In de omgeving van Refresco worden twee ernstige grondwaterverontreinigingslocaties aangetroffen. De uitbreiding van de grondwateronttrekking leidt niet tot een additionele verspreiding van de verontreinigingen. De grondwaterwinning leidt wel tot een geringe (westwaartse) verandering in de verspreidingsrichting. Deze verandering wordt niet verder toegelicht in de effectenstudie.

15. Weet u welk effect deze verandering heeft in het invloedsgebied of daarbuiten? Zo ja, welke? Zo nee, bent u met ons van mening dat dan geen sprake kan zijn van een door u zorgvuldig afgewogen besluit op de vergunningaanvraag? Zo nee, waarom niet?

De berekende daling van de grondwaterstand in het freatische pakket binnen het Natura 2000-gebied Weerter- en Budelerbergen & Ringselven bedraagt minder dan 10 cm en is alleen aan de orde in Vogelrichtlijngebied, zo zegt de effectenstudie.

16. Hoeveel is ‘minder dan 10 cm’ in dezen?

17. Het Ringselven en omgeving is aangewezen voor habitats en soorten die afhankelijk zijn van kwalitatief en kwantitatief voldoende water. Wat gaat een daling van ‘minder dan 10 cm’ van de freatische grondwaterspiegel betekenen voor de instandhoudingsdoelen?

18. Indien de instandhoudingsdoelen niet in het geding komen: Is er een kleiner effect op het Vogelrichtlijngebied? Zo ja, wordt dat effect ergens gemeld of geregistreerd zodat mogelijke cumulatie van een veelvoud aan kleine, bijkans te verwaarlozen effecten niet kan optreden in de toekomst? Zo nee, hoe wordt geborgd dat mondjesmaat een significante verslechtering optreedt doordat kleine stukjes verslechtering steeds worden ‘vergeten’?


Met vriendelijke groet,

Paranka Surminski
Partij voor de Dieren