Tech­nische vragen over memo gede­pu­teerde Lemkes-Straver over moeflons


Indiendatum: 2 nov. 2020

Hartelijk dank voor de memo aan Provinciale Staten van gedeputeerde Lemkes-Straver over moeflons. Voormalig gedeputeerde Grashoff gaf tijdens de bespreking van de actuele motie diervriendelijke aanpak moeflons, die de aanleiding was voor de toezegging, aan dat hij niet naar de aanpak van Moeflons in het verleden wilde kijken maar dat hij voor de komende maanden (vanaf oktober 2019) zou monitoren hoeveel Moeflons zijn waargenomen, of de dieren gevangen kon worden, of moest worden gedood, en waarom.

In het memo van 12 oktober 2020 staat onder andere het volgende:
"De eerste waarnemingen van bovengenoemde moeflons in de gemeente Sint Anthonis dateren van augustus 2017. Dit betrof een kleine groep van vermoedelijk vijf dieren. Destijds is onderzocht of de moeflons gevangen konden worden en of er een eigenaar getraceerd kon worden die de dieren zou kunnen (terug)vangen. Het vangen van de dieren bleek destijds niet mogelijk."

1. In de periode juni 2019 tot heden zijn in totaal drie moeflons waargenomen en met het geweer gedood. Dit betrof één moeflon op 24 september 2019, één moeflon op 2 oktober 2019 en een moeflon op 25 maart 2020, zo staat in het memo. Is tijdens deze periode gemonitord of de dieren gevangen kon worden, of moest worden gedood, en waarom?

2. Op welke wijze is drie jaar geleden, in 2017, onderzocht of de moeflons gevangen kunnen worden? Was het een papieren exercitie of zijn er feitelijk pogingen gedaan om de dieren te vangen?

Tijdens de bespreking van de motie kwam vanuit de fractie van de Partij voor de Arbeid het verzoek of de gedeputeerde in het memo ook in wilde gaan op de vraag of de moeflons uitgezet zijn, of dat ze van de Veluwe komen.

3. Op welke wijze bent u tot de conclusie gekomen dat het aannemelijk is dat de moeflons in kwestie illegaal zijn uitgezet, en niet vanuit de Veluwe zijn gekomen?

Indiendatum: 2 nov. 2020
Antwoorddatum: 5 nov. 2020

Hartelijk dank voor de memo aan Provinciale Staten van gedeputeerde Lemkes-Straver over moeflons. Voormalig gedeputeerde Grashoff gaf tijdens de bespreking van de actuele motie diervriendelijke aanpak moeflons, die de aanleiding was voor de toezegging, aan dat hij niet naar de aanpak van Moeflons in het verleden wilde kijken maar dat hij voor de komende maanden (vanaf oktober 2019) zou monitoren hoeveel Moeflons zijn waargenomen, of de dieren gevangen kon worden, of moest worden gedood, en waarom.

In het memo van 12 oktober 2020 staat onder andere het volgende:
"De eerste waarnemingen van bovengenoemde moeflons in de gemeente Sint Anthonis dateren van augustus 2017. Dit betrof een kleine groep van vermoedelijk vijf dieren. Destijds is onderzocht of de moeflons gevangen konden worden en of er een eigenaar getraceerd kon worden die de dieren zou kunnen (terug)vangen. Het vangen van de dieren bleek destijds niet mogelijk."

1. In de periode juni 2019 tot heden zijn in totaal drie moeflons waargenomen en met het geweer gedood. Dit betrof één moeflon op 24 september 2019, één moeflon op 2 oktober 2019 en een moeflon op 25 maart 2020, zo staat in het memo. Is tijdens deze periode gemonitord of de dieren gevangen kon worden, of moest worden gedood, en waarom?

Antwoord:
De noodzaak om de moeflons te doden volgt, zoals in de memo gedeputeerde is toegelicht, uit het provinciaal beleid. Op basis hiervan hebben GS in juni 2019 een provinciale opdracht op grond van artikel 3.18 Wet natuurbescherming vastgesteld op grond waarvan afschot van moeflons is toegestaan in het belang van de (verkeers)veiligheid.
Ter uitvoering van deze provinciale opdracht is de Faunabeheereenheid verplicht te onderzoeken of een eigenaar getraceerd kan worden die de moeflons kan (terug)vangen. Een verplichting om – ook in situaties waarin geen sprake is van mogelijk eigenaarschap – te onderzoeken of de moeflons gevangen kunnen worden, is er niet. Zoals in de memo gedeputeerde is aangegeven, adviseert de Faunabeheereenheid dit wel.
M.b.t. de drie in de memo gedeputeerde genoemde moeflons die op basis van de provinciale opdracht zijn gedood, is naar aanleiding van de eerste waarneming in augustus 2017 reeds onderzocht of de moeflons gevangen konden worden en of een eigenaar getraceerd kon worden. Beide bleek niet het geval. Omdat dit reeds in 2017 was onderzocht, was een nieuw onderzoek in de periode september 2019 en maart 2020 niet aan de orde. Een herhaling van het onderzoek is na het verstrijken van ruim twee jaar overigens ook niet zinvol omdat na het verstrijken van een dergelijke lange periode geen sprake meer is van eigenaarschap en het vangen van moeflons - afgezien van het ontbreken van een verplichting daartoe - niet kansrijk is omdat moeflons schuw en na 2 jaar verwilderd zijn.

2. Op welke wijze is drie jaar geleden, in 2017, onderzocht of de moeflons gevangen kunnen worden? Was het een papieren exercitie of zijn er feitelijk pogingen gedaan om de dieren te vangen?

Antwoord:
De provinciale opdracht op grond waarvan afschot van moeflons is toegestaan, was in 2017 niet van kracht. Dit betekent dat het in 2017 uitgevoerde onderzoek in opdracht van de gemeente heeft plaatsgevonden en niet in het kader van de provinciale opdracht. De precieze wijze waarop dit onderzoek is uitgevoerd is ons daarom niet bekend. Uit navraag bij de Faunabeheereenheid is gebleken dat dit na het verstrijken van drie jaar ook niet meer te achterhalen is.

Tijdens de bespreking van de motie kwam vanuit de fractie van de Partij voor de Arbeid het verzoek of de gedeputeerde in het memo ook in wilde gaan op de vraag of de moeflons uitgezet zijn, of dat ze van de Veluwe komen.

3. Op welke wijze bent u tot de conclusie gekomen dat het aannemelijk is dat de moeflons in kwestie illegaal zijn uitgezet, en niet vanuit de Veluwe zijn gekomen?

Antwoord:
Omdat moeflons van nature niet in Noord-Brabant voorkomen, is het – in het incidentele geval dat een moeflon wordt waargenomen – aannemelijk dat deze vanuit gevangenschap is ontsnapt of illegaal is uitgezet. In theorie is het mogelijk dat een of meerdere moeflons uit de Veluwe naar Noord-Brabant zijn gekomen, maar de kans hierop is met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid nihil. De afstand tussen de Veluwe en het gebied in Noord-Brabant waar de moeflons zijn aangetroffen, bedraagt ca. 120 km. Moeflons migreren niet over dergelijke grote afstanden en zijn evenmin in staat om barrières zoals bijvoorbeeld rivieren te nemen.