Vragen over proeven met de Agrilaser


Indiendatum: 3 feb. 2016

Schriftelijke vragen van de Statenfractie van de Partij voor de Dieren aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant betreffende proeven met de Agrilaser.


Geacht college,

Op 1 februari heeft Staatssecretaris van Economische Zaken Martijn van Dam in een reactie op een motie van de leden Thieme en Ko?er Kaya te kennen gegeven dat de uitvoering van praktijkproeven met de Agrilaser en andere wildverjagende middelen volop de aandacht heeft van de provincies. Het provinciale samenwerkingsverband BIJ12 heeft een onderzoeksaanpak in voorbereiding dat moet leiden tot het uitwerken van een algemene methodiek voor de beoordeling van de effectiviteit en de borging van de kwaliteit van de proeven en een review van in binnen- en buitenland verricht en nog lopend onderzoek naar effecten van alternatieve verjagende middelen, alvorens over te gaan tot het uitvoeren van praktijkpilots met de Agrilaser.

Naar aanleiding hiervan hebben wij een aantal vragen.

1. Is de provincie Noord-Brabant betrokken bij de pilots met de Agrilaser? Zo ja, op welke manier? Zo nee waarom niet? Verwacht u in de nabije toekomst wel deel te nemen?

2. Indien ja bij vraag 1: Wanneer start u met de uitwerking van een algemene methodiek en het verrichten van de review? Wie zijn daarbij betrokken?

3. Wie zijn er betrokken in het provinciale samenwerkingsverband BIJ12?

4. Wanneer gaat u naar verwachting starten met praktijkpilots voor onderzoek naar de effecten van lasertechnologie in het algemeen en de Agrilaser in het bijzonder?

Staatssecretaris van Dam heeft in dezelfde brief aangegeven dat de praktijkproeven met de Agrilaser worden gestimuleerd door het beschikbaar stellen van middelen ten behoeve van het uit te voeren onderzoek.

5. Hebt u hier al middelen voor ontvangen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, om welk bedrag gaat het? Om welk bedrag gaat het in totaal?

6. Verwacht u dat het gebruik van de Agrilaser en/of andere verjagende middelen, het gebruik van co2-gas/geweer overbodig zal maken? Zo nee, waarom niet?

Wij vernemen graag uw reactie.

Met vriendelijke groet,

Paranka Surminski
Partij voor de Dieren

Indiendatum: 3 feb. 2016
Antwoorddatum: 23 feb. 2016

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.

1. Is de provincie Noord-Brabant betrokken bij de pilots met de Agrilaser? Zo ja, op welke manier? Zo nee waarom niet? Verwacht u in de nabije toekomst wel deel te nemen?

Antwoord: Nee. De provincie Noord-Brabant is niet rechtstreeks betrokken bij de pilots. Het Faunafonds, dat is ondergebracht bij het samenwerkingsverband BIJ12 van de twaalf provincies, zal op korte termijn een onderzoek starten naar de effectiviteit van wildverjagende middelen waaronder in het bijzonder de Agrilaser. De provincies Overijssel, Noord-Holland en Utrecht hebben aangegeven deel te nemen aan de praktijkproeven die ten behoeve van dit onderzoek zullen worden uitgevoerd. Wij zien de uitkomsten van het onderzoek van het Faunafonds met veel belangstelling tegemoet. Mede naar aanleiding van de uitkomsten van het onderzoek zullen wij beoordelen of de lasertechnologie ook toepasbaar is in Noord-Brabant.


2. Indien ja bij vraag 1: Wanneer start u met de uitwerking van een algemene methodiek en het verrichten van de review? Wie zijn daarbij betrokken?

Antwoord: Het Faunafonds verwacht in maart 2016 te starten met het uitwerken van de algemene methodiek en de review. Bij de uitwerking van de algemene methodiek en de review zijn het Faunafonds en de in antwoord 1 genoemde provincies betrokken.


3. Wie zijn er betrokken in het provinciale samenwerkingsverband BIJ12?

Antwoord: In het samenwerkingsverband BIJ12 zijn de twaalf provincies betrokken. Het Faunafonds is ondergebracht bij BIJ12.


4. Wanneer gaat u naar verwachting starten met praktijkpilots voor onderzoek naar de effecten van lasertechnologie in het algemeen en de Agrilaser in het bijzonder?

Antwoord: Het Faunafonds en de in antwoord 1 genoemde provincies streven ernaar de praktijkpilots voor de zomer van 2016 te starten. Zoals wij hebben geantwoord op vraag 1 is de provincie Noord-Brabant niet betrokken bij de pilots. Wij zien de uitkomsten van het onderzoek van het Faunafonds met veel belangstelling tegemoet.


5. Hebt u hier al middelen voor ontvangen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, om welk bedrag gaat het? Om welk bedrag gaat het in totaal?

Antwoord: Nee. De Staatssecretaris van Economische Zaken heeft niet bekend gemaakt welk bedrag hij beschikbaar zal stellen ten behoeve van het onderzoek. De eventuele middelen hiervoor zal de Staatssecretaris overigens inzetten ten behoeve van het Faunafonds en niet beschikbaar stellen aan de individuele provincies.


6. Verwacht u dat het gebruik van de Agrilaser en/of andere verjagende middelen, het gebruik van co2-gas/geweer overbodig zal maken? Zo nee, waarom niet?

Antwoord: Nee. Wij verwachten niet dat het gebruik van verjagende middelen het gebruik van het geweer geheel overbodig zal maken. Een aantal diersoorten veroorzaakt een dermate grote schade aan bijvoorbeeld landbouwgewassen dat deze diersoorten op de landelijke vrijstellingslijst geplaatst zijn. Diersoorten die op de vrijstellingslijst staan mogen met het geweer bestreden worden. Bij ontheffingen is de situatie anders. Op grond van de voorschriften die wij aan ontheffingen verbinden moet, alvorens gebruik te mogen van het geweer, eerst verjagende middelen gebruikt worden. Pas als de inzet hiervan niet effectief is, mag overgegaan worden tot het gebruik van het geweer. Het gebruik van CO2 is in Noord-Brabant nog niet aan de orde omdat over de toelaatbaarheid van dit middel nog geen besluit is genomen.


Gedeputeerde Staten van Noord Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk mw. ir. A.M. Burger