Uitvoe­rings­agenda Brabantse Agrofood


20 mei 2016

Voorzitter,

Er staan heel veel positieve dingen in het stuk over agrofood en de UBA: economisch gezond, aandacht voor de toegevoegde waarde voor kwaliteit, een goede woon- en leefomgeving met bescherming voor mens, dier, natuur en milieu en herstel van vertrouwen tussen overheid, burger en ondernemer. Voorzitter, daar kun je niet tegen zijn.

Over het stukje dat wordt gezegd over marktgericht handelen hebben we onze twijfel. Want het marktgericht handelen leidt nu nog steeds te vaak tot een kiloknaller en die helpt ons niet verder.

Maar hoe gaat de gedeputeerde dat doen met innovatie, een translab, toekomstbedrijven en landbouwcampus? En voorzitter, ik vind dat op zich lovenswaardig, maar concentreert u zich daarbij niet een beetje te veel op een nichemarkt? In een vorige bijeenkomst hebben wij gepleit om ook de biologische markt, die toch duidelijk minder noodzaak heeft voor regels ter bescherming van mens, dier, natuur en milieu, te betrekken. Maar daar was toch een negatief antwoord op. Ik vind dat jammer. Kan de gedeputeerde uitleggen waarom juist deze bedrijven nu hier juist geen aansluiting vinden en recht hebben op een eventuele bijdrage van de provincie?

Voorzitter. We zien dat bulkproductie ons in Brabant niet verder helpt. Niet de boeren en ook niet de burgers. Gisteren was er op de NPO nog een thema-avond over de toekomst van vlees. Die kan ik iedereen aanbevelen. En een van de onderdelen was een bezoek aan een ondernemer met 50.000 varkens, die aangaf nog steeds te willen groeien. En de innovatie die hij noemde kwam van de mestvergister.

Voorzitter. Zit hier niet de kern van het probleem? Wat doet een stal met 50.000 varkens die nog groter gaat worden voor de omgeving? Wie wil daar in de buurt nog wonen? En hoeveel van die familiebedrijven, waar het CDA zich zorgen over maakte, zijn omgevallen voor deze stal? Het vlees of de dieren die getoond werden, produceren gangbaar vlees, nul sterren. 10 varken op 8 m2. De kiloknaller viert hoogtij. De dieren opeengepakt. Krijgen deze bedrijven steun in een programma van de UBA?

Het voorliggende stuk kun je op een positieve of een negatieve wijze lezen en ook uitvoeren. Onzes inziens kan de gedeputeerde het geld inzetten voor maatregelen die intrinsiek de problemen van de veehouderij verminderen. Ons advies aan de gedeputeerde is om daarbij niet te kiezen voor het stimuleren van schaalvergroting. We hebben het vanochtend nog gehoord. Als je met 100 koeien je brood niet kunt verdienen, dan kun je het met 120 koeien ook niet.

Voorzitter. Een aantal onderdelen wordt concreet benoemd. De BZV. Maar tonen de berichten in de media niet aan dat de consumenten door een wirwar van keurmerken het vertrouwen in voedsel juist verliezen? En toch is dat precies wat we in de BZV doen.

Gezondheid. De zorgen van de huisartsen zijn vanochtend geuit. Een duidelijk signaal. Wat doet de gedeputeerde hiermee?

De circulaire economie. Brabant importeert grote hoeveelheden voer. Gaat u daarop acteren om dat te verminderen in dit programma?

En overlast aanpakken kan, maar overlast in de toekomst voorkomen is juist belangrijk. Dus wat gaat u nu doen met dat programma om bijvoorbeeld te kijken naar normering van stof, ammoniak, geur en ziektekiemen? Komt daar ook een onderdeel in?

Voorzitter, conclusie. Het stimuleren via zo’n programma helpt alleen als de grenzen aan de groei worden gesteld. En wat ons betreft een krimp van de veestapel wordt ingezet. Dank u wel.