Vast­stellen Interim omge­vings­ver­or­dening Noord-Brabant


25 oktober 2019

Voorzitter,
De voorliggende interim omgevingsverordening is allesbehalve een beleidsneutrale omzetting van bestaande regels. Wat ons betreft zijn er twee onderwerpen die we moeten bespreken.

Het eerste is het toevoegen van regels om windturbines in de natuur mogelijk te maken. Natuurlijk moeten we zo spoedig mogelijk stoppen met fossiele energie, maar het is contraproductief om windturbines in de natuur te plaatsen in een poging het klimaat te redden. We moeten ons serieus afvragen wie de intrinsieke waarde van de natuur nog waardeert en beschermt, als dat niet de overheden zijn.

Volgens het voorstel komen de windmolens in de natuur enkel naast bestaande infrastructuur, zoals wegen of spoorlijnen. Je zou denken, logisch, dat is niet zo erg, de natuur is daar toch al aangetast. Maar voor vogels en vleermuizen worden de risico’s op aanvaringen natuurlijk niet kleiner, maar heel veel groter. Zij leren namelijk wél om over een weg heen te vliegen, maar hebben nul kans om een vlucht door de wieken te overleven.

Ook de aantasting op de grond is groot. Het bos rond een windmolen moet worden gekapt, of het gebied moet kaal worden gemaakt, en er moet plaats worden gemaakt voor een geasfalteerde toegangsweg. Klimaatdoel afgevinkt, natuur weg. En dat terwijl we in het bestuursakkoord hebben afgesproken heel veel bomen te gaan planten, en het code rood is voor de natuur en elke vierkante meter telt.

De natuurdoelen om soorten te beschermen worden door de provincie niet gehaald, en ondertussen plegen we roofbouw op de leefomgeving van dieren. Wij vinden daarom dat deze bepaling uit de verordening moeten verdwijnen en dienen daartoe een amendement in.

Voorzitter, het tweede punt is de implementatie van de stikstofregels in de verordening. Over dit onderwerp is inmiddels al veel gezegd. Ik wil dan ook kort onze visie samenvatten.

De Partij voor de Dieren heeft in juli 2017 niet voor niets tegen de verscherpte regels hebben gestemd. Wij voorspelden dat dit beleid van versneld aanpassen van stalsystemen, gecombineerd met stalderingsregels, alleen maar zou leiden tot verdere schaalvergroting en dat juist de kleinere familiebedrijven tot stoppen zouden worden gedwongen.

En dat is ook precies wat er is gebeurd. Het aantal megastallen neemt hals over kop toe, en nemen alle ruimte in, met als gevolg dat de kleine boeren moeten stoppen en de jonge boeren geen kansen krijgen.

Voorzitter, we moeten naar een totale verandering in het agrarisch beleid. Naar een aanpassing van het hele systeem en niet naar paniekvoetbal gericht op steeds weer individuele parameters. Dan weer draaien aan het knopje mest, dan weer aan het knopje stikstof, morgen aan het knopje klimaat en overmorgen aan het knopje stank.

We hebben geen stikstofcrisis, we hebben een landbouwcrisis. En in deze situatie kun je het niet aan de markt overlaten en afwachten tot er voldoende bedrijven bereid zijn tot vrijwillig meewerken aan sanering. Als we echt het verschil willen maken, moeten we ons richten op het saneren van de grootste bedrijven, met de meeste dieren, met de meeste impact.

We moeten af van die megastallen. Funest voor de natuur, funest voor de dieren enfunest voor de boeren. We stellen voor om te beginnen met saneren van de top 100 grootste bedrijven, zodat er ruimte komt om de familiebedrijven te helpen met het omschakeling naar natuur-inclusieve en kringloop-gerichte bedrijfsvoering.