Motie Megastallen Nee


7 juli 2017

Motie Megastallen Nee


Provinciale Staten van Noord-Brabant in vergadering bijeen op 7 juli 2017,

behandelend het Statenvoorstel 39/17B Wijziging Verordening ruimte 2014, actualisatie 2017,


overwegende dat

  • De veehouderij in haar huidige hoedanigheid tot gevolg heeft dat burgers lijden onder gezondheidsklachten, last hebben van stank en zwaar verkeer;
  • De vele dieren in de veehouderij geen natuurlijk gedrag uit kunnen oefenen en heel gevoelig zijn voor (op mensen overdraagbare) ziektes;
  • In het licht van de derde eis van burgerinitiatief Megastallen Nee, wetenschappelijk onderzoek is gedaan dat uitsluitsel geeft over de effecten op de gezondheid van omwonenden van intensieve veehouderijen;
  • een verband is gevonden tussen wonen nabij veehouderijen en een verlaagde longfunctie;
  • mensen die in de omgeving van een veehouderij wonen, vaker drager blijken te zijn van de vee gerelateerde MRSA-bacterie;
  • er eerste aanwijzingen zijn dat er een groei is aan gevallen van Hepatitis E en het virus vooral veel lijkt voor te komen in gebieden met veel varkenshouderijen;
  • Ruim 33.000 burgers zich in 2010 middels een burgerinitiatief hebben uitgesproken tegen megastallen, en aan die oproep recht moet worden gedaan;

constaterende dat

  • Provinciale Staten op 19 maart 2010 hebben besloten dat bedrijven uit ten hoogste één bouwlaag mogen bestaan op een bouwblok van maximaal 1,5 ha (inclusief groen);
  • Uitbreiding van een bouwblok boven de genoemde 1,5 hectare uit het voorbereidingsbesluit van 19 maart 2010 niet in lijn is met het in het burgerinitiatief gevraagde voorzorgsprincipe; [1]

verzoeken Gedeputeerde Staten

  • haar beleid ten aanzien van de intensieve veehouderij in Noord-Brabant te wijzigen naar de volgende eisen zoals vermeld in het burgerinitiatief Megastallen Nee:
  • een duurzame, grondgebonden en diervriendelijke landbouw na te streven die past in het Brabantse landschap;
  • bij provinciale verordening op grond van de Wet ruimtelijke ordening te bepalen dat er minimaal een afstand van 1,5 km wordt aangehouden tussen intensieve veehouderijen en dat gemengde intensieve veehouderijen niet worden toegestaan;
  • de maximale omvang van bouwblokken voor veehouderijen vast te stellen op 1,5 hectare;
  • aan te dringen bij de wetgever op het terugdringen van het antibioticagebruik in de intensieve veehouderij. Het preventief toedienen van antibiotica dient te worden verboden, gelet op de gevaren die daaraan kleven voor de volksgezondheid en voedselveiligheid;
  • de wetgever te vragen zodanige eisen te stellen aan de huisvesting van dieren in de intensieve veehouderij dat hun bewegingsruimte wordt vergroot en natuurlijk gedrag mogelijk wordt. Hierdoor verbetert hun conditie en wordt preventief antibioticagebruik overbodig;

verzoeken tevens Gedeputeerde Staten

en gaan over tot de orde van de dag.

Marco van der Wel
Paranka Surminski
Partij voor de Dieren

Hagar Roijackers
GroenLinks


[1] Zolang er geen wetenschappelijk onderzoek is gedaan dat uitsluitsel geeft over de effecten op de gezondheid van omwonenden van intensieve veehouderijen, het voorzorgbeginsel te hanteren. Dit beginsel, dat op grond van het Europese Verdrag het milieurecht van de lidstaten domineert, houdt in dat overheid en bedrijven geen onomkeerbare beslissingen mogen nemen zolang er wetenschappelijke onzekerheid bestaat over de risico's voor de volksgezondheid. In concreto betekent dit dat vooralsnog geen vergunningen meer worden verleend voor het vestigen van nieuwe, noch voor het uitbreiden van bestaande intensieve veehouderijen.



Status

Verworpen

Voor

GL, PvdD, LB

Tegen

VVD, CDA, SP, PVV, D66, PvdA, 50+, CU-SGP