Tech­nische vragen over dier­pro­duc­tie­rechten en ammo­ni­ak­uit­stoot


Indiendatum: jun. 2017

Technische vragen van de Statenfractie van de Partij voor de Dieren aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant betreffende dierproductierechten en ammoniakuitstoot.


Geacht college,

Wat betreft dierproductierechten geldt:
“Varkens- en pluimveerechten mogen niet tussen de concentratiegebieden worden verplaatst. Het is ook niet toegestaan om de rechten vanuit een niet-concentratiegebied naar een concentratiegebied te verplaatsen.”

Wij zijn benieuwd welke mogelijkheden er zijn om via dierproductierechten de transitie naar een duurzame veehouderij te versnellen. Wij hebben hierover een aantal technische vragen.

1. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om (bedoeld of onbedoeld) het systeem van dierproductierechten te wijzigen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

2. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om het systeem van dierproductierechten af te schaffen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

3. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om het verbod op verplaatsing van dierproductierechten naar concentratiegebieden op te heffen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

4. Zijn emissierechten, net als dierproductierechten, vrij verhandelbaar? Zo ja, op welke wijze?

5. Het College heeft toegezegd dat het waterbedeffect gemonitord gaat worden. Kunt u aangeven hoe dat vorm wordt gegeven?

6. Gedeputeerde Van den Hout gaf aan dat het mogelijk zou zijn de PAS-ontwikkelingsruimte te verlagen van 3 naar 2 mol H/ha/jaar, zoals in Zeeland zou zijn gedaan. Aan welke voorwaarden moet worden voldaan om hiertoe te kunnen besluiten in Brabant en op welke termijn zou dit mogelijk zijn?

In de beantwoording op eerdere vragen over dierrechten is door GS aangegeven dat met de NVWA in overleg is getreden om te bereiken dat GS actiever worden geïnformeerd, de toezichts- en handhavingsinzet beter op elkaar wordt afgestemd en de samenwerking op dit vlak wordt versterkt.

7. Worden GS al beter geïnformeerd door de NVWA? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

8. Over welke emissiereducerende maatregelen voor stallen beschikt de sector, naast de inzet van luchtwassers?

Wij hopen dat we de beantwoording voor 7 juli mogen ontvangen.


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel
Partij voor de Dieren

Indiendatum: jun. 2017
Antwoorddatum: 5 jul. 2017

Onderstaand de antwoorden op uw vragen van 30 juni betreffende dierproductierechten en ammoniakuitstoot


1. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om (bedoeld of onbedoeld) het systeem van dierproductierechten te wijzigen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

Antwoord:
De dierrechtensystematiek ligt vast in de Meststoffenwet. Het Rijk heeft de mogelijkheden het systeem te wijzigen, dit vergt dan een wijziging van deze wet. Er is ooit sprake geweest van afschaffing in 2015. Dit is niet gebeurd. In 2018 staat dit weer op de politieke agenda. De mate waarin de veehouderij er in slaagt het mestoverschot te verwerken en zo buiten de Nederlandse landbouw af te zetten is hiervoor van belang.


2. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om het systeem van dierproductierechten af te schaffen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

Antwoord:
Zie vraag 1.


3. Welke mogelijkheden heeft het Rijk om het verbod op verplaatsing van dierproductierechten naar concentratiegebieden op te heffen? Zijn er aanwijzingen voor dat het Rijk dit gaat doen? Zo ja, welke?

Antwoord:
Ook dit vergt een aanpassing van de Meststoffenwet. Bij ons zijn geen voornemens bekend.


4. Zijn emissierechten, net als dierproductierechten, vrij verhandelbaar? Zo ja, op welke wijze?

Antwoord:
Er bestaan geen emissierechten. Tot 1 juli 2015 werd er gehandeld in informele ammoniakemissie’rechten’ in het kader van salderen bij het verkrijgen van een vergunning Natuurbeschermingswet.


5. Het College heeft toegezegd dat het waterbedeffect gemonitord gaat worden. Kunt u aangeven hoe dat vorm wordt gegeven?

Antwoord:
U heeft op 29 juni een memo gedeputeerde ontvangen over dit onderwerp. Hierin hebben wij twee parameters gehanteerd: de vergunningaanvragen in het kader van de Wet natuurbescherming en de aanvragen in het kader van de BZV (wat altijd uitbreidingen zijn).


6. Gedeputeerde Van den Hout gaf aan dat het mogelijk zou zijn de PAS-ontwikkelingsruimte te verlagen van 3 naar 2 mol H/ha/jaar, zoals in Zeeland zou zijn gedaan. Aan welke voorwaarden moet worden voldaan om hiertoe te kunnen besluiten in Brabant en op welke termijn zou dit mogelijk zijn?

Antwoord:
In de beleidsregel natuurbescherming Noord-Brabant (Beleidsregel PAS) is opgenomen dat voor vergunningplichtige initiatieven maximaal 3 mol/ha/jr. ontwikkelingsruimte wordt uitgegeven. GS zijn bevoegd gezag voor het wijzigingen van de beleidsregel en kunnen de maximaal uit te geven hoeveelheid ontwikkelingsruimte verlagen indien hier inhoudelijke redenen voor zijn. Dit kan op elk moment dat GS dit noodzakelijk achten.


7. Worden GS al beter geïnformeerd door de NVWA? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
De omgevingsdiensten hebben overleg met de Rijksdienst voor Ondernemend Nederland om informatiedeling te verbeteren. Complicerende factor daarbij is dat de privacywetgeving vrije uitwisseling van informatie over individuele ondernemingen bemoeilijkt.


8. Over welke emissiereducerende maatregelen voor stallen beschikt de sector, naast de inzet van luchtwassers?

Antwoord:
Veehouders hebben de beschikking over een groot aantal emissiereducerende systemen; de beschikbare systemen verschillen per diersoort. Voor een volledig overzicht van de systemen die de ammoniakemissie uit stallen reduceren: zie http://wetten.overheid.nl/BWBR0013629/2017-04-12. Bij varkens en geiten kunnen op dit moment alleen luchtwassers de door de provincie Noord-Brabant vereiste reductie behalen.