Vragen over de overname Biomoer in Moer­straten door mest­fa­brikant Fertikal


Indiendatum: jan. 2020

Geacht college,

De Belgische mestfabrikant Fertikal heeft de vergistingsinstallatie Biomoer opnieuw opgestart. Dit heeft bij ons geleid tot de volgende vragen.

1. Is er al contact geweest met de eigenaar van Fertikal? Zo ja, graag een toelichting.

2. Is er door Fertikal al een vergunning aangevraagd voor activiteiten aan de Luienhoekweg 3? Zo ja, welke?

3. Welke activiteiten heeft de eigenaar van Fertikal de afgelopen 12 weken uitgevoerd of laten uitvoeren op de locatie aan de Luienhoekweg 3?

4. Waren deze activiteiten in overeenstemming met de geldende bestemming en vergunningen? Heeft u dat gecontroleerd?

De eerste keuze van de eigenaar van Fertikal is om de exploitatie van het bedrijf aan de Luienhoekweg 3 te wijzigen naar een bedrijf waar alleen de opslag van mest plaatsvindt voor op jaarbasis ca. 15.000 m3. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan zal de vergunde bedrijfsexploitatie voor het houden van melkvee en laten functioneren van de vergistingsinstallatie worden hervat.

5. Wat is het standpunt van uw college over een eventuele mestopslag op de locatie en waarom?

6. Bent u met ons van mening dat de plannen van het bedrijf voor een mestopslag aan de Luienhoekweg 3, vervuilingsrisico’s, stankoverlast en veel meer verkeersbewegingen in de groenblauwe mantel tot gevolg hebben? Zo nee, waarom niet?

7. Provinciale regelgeving verbiedt mestopslag op deze locatie, vanwege de aanduiding groenblauwe mantel. Is dat voor deze locatie in uw ogen voldoende geborgd in de verordening ruimte en in het bestemmingsplan van de gemeente Bergen op Zoom?

8. Het is bekend dat mestopslag stankoverlast kan veroorzaken. Zijn er in de periode dat Fertikal actief is op de locatie, tussen 1 september 2019 en 5 december 2019, klachten van omwonenden geregistreerd bij de milieuklachtendienst vanwege bijvoorbeeld stankoverlast of anderzijds? Zo ja, hoeveel klachten waren dat?

9. Zijn deze klachten in uw ogen afdoende behandeld? Is er bijvoorbeeld opgetreden? Zo ja, op welke wijze?

10. Indien er klachten zijn, bent u dan met ons van mening dat stankoverlast een sterke indicatie is dat de activiteiten disproportionele negatieve effecten op het welzijn van de omwonenden kunnen hebben? Zo nee, waarom niet?

Wij vernemen graag uw reactie en danken u bij voorbaat voor de beantwoording.


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel
Partij voor de Dieren Noord-Brabant

Indiendatum: jan. 2020
Antwoorddatum: 18 feb. 2020

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Is er al contact geweest met de eigenaar van Fertikal? Zo ja, graag een toelichting

Antwoord:
Ja, na overname heeft een gesprek plaatsgevonden tussen medewerkers van de Omgevingsdienst Midden- en West-Brabant, namens ons, en QLW Invest NV over de plannen van de nieuwe eigenaar. QLW Invest NV heeft kenbaar gemaakt deze locatie bij voorkeur enkel te willen gebruiken voor de open overslag van mest.


2. Is er door Fertikal al een vergunning aangevraagd voor activiteiten aan de Luienhoekweg 3? Zo ja, welke?

Antwoord:
De betreffende locatie heeft een, door de gemeente Roosendaal, verleende vergunning voor een melkrundveebedrijf met als nevenactiviteit het covergisten van mest. Het is aan de beoordeling van de gemeente, als bevoegd gezag, of de gewenste activiteiten, op- en overslag van mest van derden, binnen de huidige vergunning passen.

Daarnaast ligt bij ons een oude aanvraag voor (uit 2011), ingediend door de voormalige eigenaar. Deze aanvraag is thans niet actueel en niet vergunbaar.


3. Welke activiteiten heeft de eigenaar van Fertikal de afgelopen 12 weken uitgevoerd of laten uitvoeren op de locatie aan de Luienhoekweg 3?

Antwoord:
Dit is niet bij ons bekend. Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal zijn voor deze inrichting het bevoegde gezag.


4. Waren deze activiteiten in overeenstemming met de geldende bestemming en vergunningen? Heeft u dat gecontroleerd?

Antwoord:
Nee, dit hebben wij niet gecontroleerd. De gemeente Roosendaal is thans het bevoegde gezag met betrekking tot de inrichting.


5. De eerste keuze van de eigenaar van Fertikal is om de exploitatie van het bedrijf aan de Luienhoekweg 3 te wijzigen naar een bedrijf waar alleen de opslag van mest plaatsvindt voor op jaarbasis ca. 15.000 m3. Mocht dit niet mogelijk zijn, dan zal de vergunde bedrijfsexploitatie voor het houden van melkvee en laten functioneren van de vergistingsinstallatie worden hervat. Wat is het standpunt van uw college over een eventuele mestopslag op de locatie en waarom?

Antwoord:
Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Roosendaal is het bevoegde gezag voor de omgevingsvergunning. Het is aan haar om te toetsen of een verklaring van geen bedenkingen in het kader van de Wet natuurbescherming noodzakelijk is.


6. Bent u met ons van mening dat de plannen van het bedrijf voor een mestopslag aan de Luienhoekweg 3, vervuilingsrisico’s, stankoverlast en veel meer verkeersbewegingen in de groenblauwe mantel tot gevolg hebben? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Dit is op voorhand niet met zekerheid te zeggen of de inrichting tot gevolgen zal leiden. De (milieu)gevolgen van dergelijke activiteiten hangt af van de werkwijze en capaciteit. Dat dient door het daartoe bevoegde gezag beoordeeld te worden in het kader van de aanvraag om een omgevingsvergunning en het ter plaatse geldende bestemmingsplan. Voorts kunnen aan een eventuele toestemming voorwaarden verbonden worden om mogelijke nadelige gevolgen van die activiteiten tot een aanvaardbaar niveau terug te brengen.


7. Provinciale regelgeving verbiedt mestopslag op deze locatie, vanwege de aanduiding groenblauwe mantel. Is dat voor deze locatie in uw ogen voldoende geborgd in de verordening ruimte en in het bestemmingsplan van de gemeente Bergen op Zoom?

Antwoord:
De Interim omgevingsverordening kent in hoofdstuk 3 (Instructieregels aan gemeenten) geen afzonderlijke regels voor mestopslag, wel voor mestbewerking.

Het agrarisch bedrijf is planologisch opgenomen in het bestemmingsplan Buitengebied Wouw van de gemeente Roosendaal (onherroepelijk 21-8-2012). Het betreft een vigerend bestemmingsplan met de bestemming ‘Agrarisch met waarden-3’ met bouwvlak. Binnen het bouwvlak laat deze bestemming mestbassins/mestsilo’s/waterbassins tot een bepaalde hoogte toe.


8. Het is bekend dat mestopslag stankoverlast kan veroorzaken. Zijn er in de periode dat Fertikal actief is op de locatie, tussen 1 september 2019 en 5 december 2019, klachten van omwonenden geregistreerd bij de milieuklachtendienst vanwege bijvoorbeeld stankoverlast of anderzijds? Zo ja, hoeveel klachten waren dat?

Antwoord:
Ja, tussen 1 september 2019 en 5 december 2019 zijn 16 klachten ingekomen bij de provinciale Milieuklachtencentrale waarbij de inrichting als veroorzaker van de klachten is benoemd.


9. Zijn deze klachten in uw ogen afdoende behandeld? Is er bijvoorbeeld opgetreden? Zo ja, op welke wijze?

Antwoord:
De klachten zijn in behandeling genomen door het daartoe bevoegde gezag, de gemeente Roosendaal. Wij hebben geen zicht op de verdere afhandeling.


10. Indien er klachten zijn, bent u dan met ons van mening dat stankoverlast een sterke indicatie is dat de activiteiten disproportionele negatieve effecten op het welzijn van de omwonenden kunnen hebben? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Zie het antwoord op vraag 9. Wij hebben de klachten niet beoordeeld.


Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA