Vragen over het fauna­re­gi­stra­tie­systeem en andere zaken rondom jacht en scha­de­be­strijding


Geacht college,

Van tijd tot tijd worden recreanten geconfronteerd met een jager, of horen nietsvermoedende wandelaars op korte afstand geweerschoten, zoals in Heukelom (2019) en in Ulvenhout (2017). Een oorzaak hiervan is dat niet bekend is in welke gebieden in Noord-Brabant wanneer wordt gejaagd. In beide gevallen ging het om soorten die op de vrijstellingslijst staan (kraaien en vossen). Op deze dieren mag het hele jaar door gejaagd worden, mits er tenminste op één perceel schade is of dreigt. Ieder jaar worden in het jaarverslag van de FBE de totalen van gedode dieren per soort gepubliceerd. Echter is er geen overzicht van en dus geen inzicht in het aantal gedode dieren per beheersgebied. Wij hebben hierover volgende vragen.

1. Bent u met ons van mening dat het voor recreanten beter zou zijn om te weten dat er in een gebied aan beheer of schadebestrijding wordt gedaan, wanneer of liever nog, voordat zij ergens rustig een wandeling willen maken of willen fietsen? Zo nee, waarom niet?

2. Schadebestrijding hoort bij de maatschappelijke taken van de faunabeheerder, en elke faunabeheerder moet transparant en veilig te werk gaan. Waarom wordt er geen melding gedaan voordat afschot in het kader van schadebestrijding wordt uitgevoerd op publieke gronden?

3. Kunt u de FBE verzoeken kenbaar te maken wanneer afschot in het kader van schadebestrijding plaats vindt, bijvoorbeeld met waarschuwingsvlaggen of op andere wijze? Zo nee, waarom niet?

4. Is het juist dat alleen personen met een jachtakte toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem? Zo ja, waarom is dat zo?

5. Hoe vaak wordt geschoten en dood gevonden wild geregistreerd in het faunaregistratiesysteem?

6. Hoe accuraat is dit systeem, bijvoorbeeld in termen van plaats en tijd?

7. Op welke wijze wordt de accuraatheid van de registraties gecontroleerd?

8. Bent u met ons van mening dat doordat alleen de jachtaktehouders toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem, er een informatieachterstand optreedt voor de overige bestuursleden van de FBE? Zo nee, waarom niet?

9. Bent u in de veronderstelling dat de overige bestuursleden van de FBE hun controlerende taken goed kunnen uitvoeren wanneer zij geen toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem? Zo ja, waarom?

10. Bent u met ons van mening dat in het kader van hun bestuursverantwoordelijkheid, in ieder geval alle leden van het bestuur van de FBE toegang zouden moeten hebben tot de gegevens in het faunaregistratiesysteem (desgewenst met geanonimiseerde persoonsgegevens) en de uitgegeven hectaren voor jacht? Zo nee, waarom niet?

11. Bent u met ons van mening dat er meer detailinformatie beschikbaar moet komen voor beleidsmedewerkers en volksvertegenwoordigers? Hierbij kunt u denken aan gegevens uit het faunaregistratiesysteem per WBE, liefst realtime, maar zonder persoonsgegevens?

12. De Vlaamse overheid verplicht jagers om voor elk geschoten dier binnen het afschotplan een meldingsformulier in te vullen. Waarom is dit in Nederland niet het geval?

13. Is het mogelijk om dit in Noord-Brabant ook in te voeren? Zo nee, waarom niet?

In ons dichtbevolkte land is het inmiddels overal zo druk, dat er steeds vaker conflicterende situaties met diverse vormen van recreatie ontstaan. Hierbij valt te denken aan wandelen, fietsen, paardrijden en benuttingsjacht. Om deze reden worden steeds meer vormen van recreatie gekanaliseerd. Hierbij kunt u denken aan duidelijk aangegeven paden voor mountainbikers en ruiterpaden om de veiligheid van wandelaars te waarborgen. De ene recreant heeft immers niet meer rechten dan de andere.

14. Bent u met ons van mening dat in de denklijn die hierboven wordt beschreven, ook de uitoefening van benuttingsjacht kenbaar gemaakt moet worden aan andere gebruikers van de buitenruimte? Zo nee, waarom niet?

Op 12 december 2014 zegde toenmalig gedeputeerde van Natuur en Milieu van den Hout toe dat hij de uitgifte en verlenging van jachtrechten wil uitstellen totdat daarover een besluit genomen is in een PS-vergadering. Op 28 april 2017 is de verhuur van jachtrechten op provinciaal eigendom namens de provincie gemandateerd aan Bureau Gloudemans.

15. Zijn er tussen december 2014 en heden jachtrechten op provinciaal eigendom verhuurd?

16. Voor welke tijdsduur zijn deze rechten verhuurd en wanneer lopen ze af?

17. Wanneer heeft er in een PS-vergadering een formeel besluit plaatsgevonden over het verlenen van jachtrechten op provinciale gronden?

Wij zien uw beantwoording met belangstelling tegemoet.


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel,
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 26 nov. 2019

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Bent u met ons van mening dat het voor recreanten beter zou zijn om te weten dat er in een gebied aan beheer of schadebestrijding wordt gedaan, wanneer of liever nog, voordat zij ergens rustig een wandeling willen maken of willen fietsen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, het is inherent aan het buitengebied dat hier verschillende soorten gebruikers zijn. Jachtaktehouders houden rekening met het medegebruik van het buitengebied door recreanten en handelen daarbij in het bijzonder zodanig dat de veiligheid van recreanten niet in het geding komt.


2. Schadebestrijding hoort bij de maatschappelijke taken van de faunabeheerder, en elke faunabeheerder moet transparant en veilig te werk gaan. Waarom wordt er geen melding gedaan voordat afschot in het kader van schadebestrijding wordt uitgevoerd op publieke gronden?

Antwoord:
Afschot, als onderdeel van schadebestrijding, is op voorhand niet te plannen en daarom is melden vooraf praktisch onmogelijk. Transparantie wordt bereikt doordat jachtaktehouders verplicht zijn om afschotgegevens te melden. Daarbij vindt beheer en schadebestrijding plaats conform het door ons goedgekeurde Faunabeheerplan.


3. Kunt u de FBE verzoeken kenbaar te maken wanneer afschot in het kader van schadebestrijding plaats vindt, bijvoorbeeld met waarschuwingsvlaggen of op andere wijze? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, GS zien geen noodzaak hiertoe te verzoeken. Zie ook ons antwoord op de voorgaande twee vragen.


4. Is het juist dat alleen personen met een jachtakte toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem? Zo ja, waarom is dat zo?

Antwoord:
Nee, iedereen voor wie het noodzakelijk is om afschot of beheermaatregelen te registreren, kan toegang verkrijgen tot het faunaregistratiesysteem. Deze personen kunnen dan overigens alleen het eigen beheer registreren en niet dat van anderen inzien. Het inzien van het totale beheer, dat analyseren en daar conclusies aan verbinden is voorbehouden aan de FBE. Overigens gaat de provincie niet over het gebruik van het faunaregistratiesysteem.


5. Hoe vaak wordt geschoten en dood gevonden wild geregistreerd in het faunaregistratiesysteem?

Antwoord:
Jachtaktehouders zijn verplicht op basis van de Wet natuurbescherming alle door hen gedode dieren te melden bij de FBE. Voor ontheffingen wordt dit binnen twee weken geregistreerd, voor wild en vrijgestelde soorten tenminste ieder kwartaal. Het melden van dood gevonden dieren is niet verplicht, maar gebeurt wel regelmatig op basis van vrijwilligheid. Aangereden dieren worden door de stichting SAMF, in samenwerking met politie en behulp van vrijwilligers, geregistreerd.


6. Hoe accuraat is dit systeem, bijvoorbeeld in termen van plaats en tijd?

Antwoord:
De afschotgegevens worden geregistreerd op datum en op perceelsdanwel jachtveldniveau.


7. Op welke wijze wordt de accuraatheid van de registraties gecontroleerd?

Antwoord:
Het systeem is zo gebouwd dat gegevens alleen ingevoerd kunnen worden op locaties en binnen tijdsbestek waar betreffende jachtaktehouder voor bevoegd is betreffend afschot te plegen. Daarbij zijn de jagers goed opgeleid en kennen zij de regels waarover vanuit de FBE ook wordt voorgelicht. Daarmee is accurate registratie voldoende verzekerd.


8. Bent u met ons van mening dat doordat alleen de jachtaktehouders toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem, er een informatieachterstand optreedt voor de overige bestuursleden van de FBE? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, zie vraag 4.


9. Bent u in de veronderstelling dat de overige bestuursleden van de FBE hun controlerende taken goed kunnen uitvoeren wanneer zij geen toegang hebben tot het faunaregistratiesysteem? Zo ja, waarom?

Antwoord:
Ja. Het secretariaat van de FBE maakt periodiek analyses en rapportages van het uitgevoerde faunabeheer en bespreekt die in het bestuur waardoor alle bestuursleden hun controlerende taak kunnen vervullen. Overigens hebben alle bestuursleden toegang tot het systeem.


10. Bent u met ons van mening dat in het kader van hun bestuursverantwoordelijkheid, in ieder geval alle leden van het bestuur van de FBE toegang zouden moeten hebben tot de gegevens in het faunaregistratiesysteem (desgewenst met geanonimiseerde persoonsgegevens) en de uitgegeven hectaren voor jacht? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, zie vraag 4 en 9.


11. Bent u met ons van mening dat er meer detailinformatie beschikbaar moet komen voor beleidsmedewerkers en volksvertegenwoordigers? Hierbij kunt u denken aan gegevens uit het faunaregistratiesysteem per WBE, liefst realtime, maar zonder persoonsgegevens?

Antwoord:
Nee, we zien geen noodzaak daartoe. De FBE rapporteert jaarlijks over de uitvoering van jacht, beheer en schadebestrijding. Deze rapportage dient te voldoen aan de kaders die opgenomen zijn in onze Verordening.


12. De Vlaamse overheid verplicht jagers om voor elk geschoten dier binnen het afschotplan een meldingsformulier in te vullen. Waarom is dit in Nederland niet het geval?

Antwoord:
In Nederland wordt niet alleen afschot van grofwild gemeld, zoals in Vlaanderen, maar worden alle gedode dieren via het faunaregistratiesysteem gemeld (zie verder vraag 5).


13. Is het mogelijk om dit in Noord-Brabant ook in te voeren? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, zie vraag 12.


In ons dichtbevolkte land is het inmiddels overal zo druk, dat er steeds vaker conflicterende situaties met diverse vormen van recreatie ontstaan. Hierbij valt te denken aan wandelen, fietsen, paardrijden en benuttingsjacht. Om deze reden worden steeds meer vormen van recreatie gekanaliseerd. Hierbij kunt u denken aan duidelijk aangegeven paden voor mountainbikers en ruiterpaden om de veiligheid van wandelaars te waarborgen. De ene recreant heeft immers niet meer rechten dan de andere.

14. Bent u met ons van mening dat in de denklijn die hierboven wordt beschreven, ook de uitoefening van benuttingsjacht kenbaar gemaakt moet worden aan andere gebruikers van de buitenruimte? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, wij zien hiervoor geen aanleiding. Zie ook ons antwoord op vraag 1.


Op 12 december 2014 zegde toenmalig gedeputeerde van Natuur en Milieu van den Hout toe dat hij de uitgifte en verlenging van jachtrechten wil uitstellen totdat daarover een besluit genomen is in een PS-vergadering. Op 28 april 2017 is de verhuur van jachtrechten op provinciaal eigendom namens de provincie gemandateerd aan Bureau Gloudemans.

15. Zijn er tussen december 2014 en heden jachtrechten op provinciaal eigendom verhuurd?

Antwoord:
Ja, de provincie verwerft gronden waarvoor het jachtrecht reeds is verhuurd. Daar waar sprake is van een reeds bestaand verhuurcontract en er sprake is van juridisch gebonden afspraken, worden deze contracten gerespecteerd. Dit vanwege het belang dat GS hechten aan haar rol als betrouwbare onderhandelings- en contractspartner. Alleen op verzoek worden bestaande contracten verlengd. Provincie verhuurt niet proactief jachtrechten, maar alleen op verzoek van en aan de WBE (conform Nota faunabeheer Noord-Brabant, paragraaf C1.3).


16. Voor welke tijdsduur zijn deze rechten verhuurd en wanneer lopen ze af?

Antwoord:
De aflopende - bestaande jachtverhuurovereenkomsten worden op verzoek verlengd voor 6 jaar.


17. Wanneer heeft er in een PS-vergadering een formeel besluit plaatsgevonden over het verlenen van jachtrechten op provinciale gronden?

Antwoord:
Het Faunabeheer wordt binnen de provincie uitgevoerd conform de Nota faunabeheer Noord-Brabant, door GS vastgesteld op 18 april 2017. Bij de totstandkoming daarvan is de begin 2017 geformeerde Statenwerkgroep faunabeheer actief betrokken. Provinciale Staten zijn hierover via een Statenmededeling geïnformeerd. Zie verder vraag 15.


Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA