Vragen over het gedeel­telijk intrekken van een omge­vings­ver­gunning voor een varkensstal in Liempde


Indiendatum: mei 2017

Schriftelijke vragen van de Statenfractie van de Partij voor de Dieren aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant betreffende het gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning voor een varkensstal in Liempde.


Geacht college,

Maatschap Vos-van de Langeberg in buurtschap Vrilkhoven, gemeente Boxtel, was tot voor kort van plan een extra stal te bouwen. De vergunning die nodig was voor de bouw van de stal, was dermate oud dat de gemeente ze moest intrekken, zo oordeelden de Boxtelse bezwarencommissie en de bestuursrechter in ‘s-Hertogenbosch. Volgens de bestuursrechter was er geen zicht op financiering en daarmee geen concreet zicht op bouw van de stal. De gemeente Boxtel heeft besloten de omgevingsvergunning gedeeltelijk in te trekken.

Over deze kwestie hebben wij een aantal vragen.

1. Bent u met ons van mening dat de provincie, vanuit haar coördinatierol in het kader van de transitie van de veehouderij het intrekken van lege vergunningen in de veehouderijsector moet bevorderen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u hier actief mee bezig?

2. Indien nee, bent u van plan om een actief beleid te voeren om lege vergunningen voor de veehouderij in te (doen) trekken?

3. Wat vindt u er van dat een gemeente een omgevingsvergunning voor een dergelijke activiteit een aantal jaar kan ‘bewaren’ zonder dat er iets met de vergunning wordt gedaan?

4. Wat vindt u er van dat de gemeente Boxtel (het milieudeel van) de omgevingsvergunning in dit geval heeft ingetrokken?

5. De gemeente heeft de slapende milieuvergunning, die stamt uit 2010, ingetrokken. De bouwvergunning uit 2013 blijft in stand. Wat heeft dit juridisch en feitelijk voor gevolgen voor de nieuwe varkensstal die de aanvrager wilde bouwen?

6. Hoe vaak heeft uw college in de laatste vijf jaar een slapende vergunning ingetrokken? Graag een toelichting.

7. Hoe lang kan een gemeente of provincie een verleende vergunning in stand houden wanneer er niets mee wordt gedaan door de aanvrager?

8. Wanneer komt een lege of slapende vergunning voor intrekking in aanmerking?

9. Onder welke voorwaarden kan een gemeente of provincie een lege/slapende vergunning intrekken?

10. Zijn er omstandigheden waarin een gemeente of provincie een slapende vergunning moet intrekken?

11. Welke criteria kan een gemeente of provincie aanvoeren om een verzoek tot intrekking van een slapende vergunning te weigeren?

12. Zou u het wenselijk vinden als er een leidraad was met criteria voor het intrekken van een lege/slapende vergunning?

Voor tot intrekking van de omgevingsvergunning over te gaan, legde de gemeente Boxtel twee maal een opdracht (vanuit de bezwarencommissie gemeente Boxtel en vanuit de RvS) en eenmaal een verzoek (vanuit omwonende) tot het intrekken van de omgevingsvergunning voor de Vrilkhovenseweg 7 te Liempde, naast zich neer.

13. Bent u met ons van mening dat in de situatie hierboven, naast de rechtszekerheid van de aanvrager van de vergunning, er voor de omwonenden ook een bepaalde mate van rechtszekerheid moet zijn dat een vergunning wordt ingetrokken als deze na een aantal jaar niet is gebruikt? Zo nee, waarom niet?


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel
Partij voor de Dieren

Indiendatum: mei 2017
Antwoorddatum: 30 mei 2017

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Bent u met ons van mening dat de provincie, vanuit haar coördinatierol in het kader van de transitie van de veehouderij het intrekken van lege vergunningen in de veehouderijsector moet bevorderen? Zo nee, waarom niet? Zo ja, bent u hier actief mee bezig?

Antwoord:
Ja, al gedurende een groot aantal jaren spannen wij ons, samen met de gemeenten, in om lege omgevingsvergunningen in te trekken. In het Akkoord van Cork (juli 2003) is opgenomen dat gemeenten, voor het overgrote deel van de veehouderijen het bevoegde gezag, actief over zullen gaan tot het intrekken van de zogenaamde lege vergunningen.
In bijvoorbeeld de subsidievoorwaarde voor de Integrale Dorpsontwikkelings Plannen (IDOP’s) was een inzet op het intrekken van lege vergunningen opgenomen. Ter ondersteuning is door provincie, omgevingsdiensten en gemeenten een draaiboek ongebruikte vergunningen veehouderij opgesteld. Dit draaiboek wordt momenteel geactualiseerd en binnenkort aan de gemeenten aangeboden. Daarnaast komt het intrekken van lege vergunning in diverse bestuurlijke gesprekken aan de orde.
Binnen het project Intensivering Toezicht Veehouderijen is ook het intrekken van lege omgevingsvergunningen een aandachtspunt.


2. Indien nee, bent u van plan om een actief beleid te voeren om lege vergunningen voor de veehouderij in te (doen) trekken?

Antwoord:
Zie het antwoord op vraag 1.


3. Wat vindt u er van dat een gemeente een omgevingsvergunning voor een dergelijke activiteit een aantal jaar kan ‘bewaren’ zonder dat er iets met de vergunning wordt gedaan

Antwoord:
De termijn van drie jaar is vastgelegd in artikel 2.33 lid 2 onder a van de Wet algemene bepaling omgevingsrecht. Op basis hiervan heeft de gemeente de bevoegdheid om een omgevingsvergunning geheel of gedeeltelijk in te trekken. Dit is een discretionaire bevoegdheid.
Tot 1 oktober 2010 gold dat een vergunning van rechtswege vervalt indien de inrichting niet binnen drie jaar nadat de vergunning onherroepelijk is geworden, is voltooid en in werking gebracht. Nu dient er altijd sprake zijn van een intrekkingsbesluit door het bevoegd gezag. Wij betreuren dat de oorspronkelijke bepaling is vervallen.


4. Wat vindt u er van dat de gemeente Boxtel (het milieudeel van) de omgevingsvergunning in dit geval heeft ingetrokken?

Antwoord:
De gemeente Boxtel heeft haar eigen beleidsvrijheid om na zorgvuldige afweging van alle belangen en rekening houdend met gerechtelijke uitspraken tot een besluit te komen.
Wij geven slechts aan dat wij in het algemeen wensen dat dergelijke vergunningen worden ingetrokken.


5. De gemeente heeft de slapende milieuvergunning, die stamt uit 2010, ingetrokken. De bouwvergunning uit 2013 blijft in stand. Wat heeft dit juridisch en feitelijk voor gevolgen voor de nieuwe varkensstal die de aanvrager wilde bouwen?

Antwoord:
De gemeente heeft de milieuvergunning en de bouwvergunning met twee separate besluiten ingetrokken.


6. Hoe vaak heeft uw college in de laatste vijf jaar een slapende vergunning ingetrokken? Graag een toelichting.

Antwoord:
Wij hebben geen slapende vergunning ingetrokken. Als provincie zijn wij voor ca. 40 veehouderijen het bevoegd gezag voor de verlening van de omgevingsvergunning. Meestal zijn dit bedrijven van een grotere omvang die ontwikkelingen doormaken, waarbij geen sprake is van een slapende vergunning.


7. Hoe lang kan een gemeente of provincie een verleende vergunning in stand houden wanneer er niets mee wordt gedaan door de aanvrager?

Antwoord:
Een vergunning blijft in stand totdat deze actief wordt ingetrokken. Dit kan door het bevoegd gezag, op verzoek van de inrichtinghouder of op verzoek van een derde, zoals in het geval in Boxtel. Daarnaast kan het bevoegd gezag zelfstandig overgaan tot het intrekken van de vergunning als bijvoorbeeld in kader van toezicht is geconstateerd dat een veehouderij al 3 jaar geen of minder dieren zijn gehouden dan waarvoor een vergunning is verleend. Het bevoegd gezag heeft hierin beleidsvrijheid. Er is geen termijn aan verbonden.


8. Wanneer komt een lege of slapende vergunning voor intrekking in aanmerking?

Antwoord:
Er is een onderscheid tussen het intrekken van een omgevingsvergunning onderdeel milieu en onderdeel bouwen. Voor het onderdeel milieu komt een lege of slapende vergunning in aanmerking voor intrekking:

  • Als er meer dan drie jaar geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning dan wel;
  • Als de inrichting niet binnen drie jaar na het onherroepelijk worden van de vergunning is voltooid en in werking gebracht.

Voor het onderdeel bouwen komt een lege of slapende vergunning in aanmerking voor intrekking als er gedurende 26 weken geen handelingen zijn verricht met gebruikmaking van de vergunning.


9. Onder welke voorwaarden kan een gemeente of provincie een lege/slapende vergunning intrekken?

Antwoord:
Zie het antwoord op vraag 8.


10. Zijn er omstandigheden waarin een gemeente of provincie een slapende vergunning moet intrekken?

Antwoord:
Nee.


11. Welke criteria kan een gemeente of provincie aanvoeren om een verzoek tot intrekking van een slapende vergunning te weigeren?

Antwoord:
Na een verzoek tot intrekking door een derde moet het bevoegd gezag alle belangen afwegen. Dit is o.a. het belang dat de ondernemer heeft bij het in stand houden van de vergunning maar ook of het wenselijk is om op de betreffende locatie het agrarische bedrijf te behouden.


12. Zou u het wenselijk vinden als er een leidraad was met criteria voor het intrekken van een lege/slapende vergunning?

Antwoord:
Ja, wij vinden dit wenselijk. Daarom hebben wij samen met gemeenten in het verleden al een draaiboek “Intrekken ongebruikte vergunningen veehouderij” ontwikkeld. Op dit moment wordt het draaiboek herzien. De actualisatie wordt uitgevoerd door een werkgroep die functioneert onder het Bestuurlijk Platform Omgevingsrecht, met daarin vertegenwoordigers van provincie, gemeenten en de omgevingsdiensten.


13. Bent u met ons van mening dat in de situatie hierboven, naast de rechtszekerheid van de aanvrager van de vergunning, er voor de omwonenden ook een bepaalde mate van rechtszekerheid moet zijn dat een vergunning wordt ingetrokken als deze na een aantal jaar niet is gebruikt? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
De wetgever heeft er nadrukkelijk voor gekozen dat het bevoegd gezag de vergunning kan intrekken. Het van rechtswege vervallen is uit de wet geschrapt. Het intrekken van een vergunning is daarmee een bevoegdheid met beleidsruimte. Zoals in het antwoord op vraag 3 al is aangegeven vinden wij het in het algemeen wenselijk dat vergunningen weer van rechtswege vervallen.


Gedeputeerde Staten van Noord Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk ir. A.M. Burger