Vragen over het plan rondom complex ‘EDGE’ in Eindhoven


Indiendatum: 23 jun. 2021

Geacht college,

De komst van woon- en werkcomplex EDGE Eindhoven kan zorgen voor een (planologische) verkleining van de Ecologische Verbindingszone (EVZ) in het plangebied. Het plan houdt onder meer in dat de strook asfalt van het parkeerterrein aan de Stationsweg vervalt en dus niet wordt ingericht als EVZ, en dat er nog een stuk van de aangrenzende grasstrook wordt afgehaald. Daarmee wordt de EVZ duidelijk smaller dan in de Omgevingsverordening staat. De functie wordt verder aangetast door het weghalen van bomen. Dit heeft bij ons geleid tot de volgende vragen.

1. Heeft u een zienswijze ingediend op dit plan, zodat de EVZ volgens eerdere afspraken in het geheel kan worden gerealiseerd? Zo nee, waarom niet?

2. Bent u akkoord gegaan met het versmallen van de EVZ aldaar, of bent u dit voornemens? Zo ja, op welke wijze kunt u uw besluit onderbouwen?

De ecologische waarden en kenmerken van het Natuurwerk Brabant (NNB) op de planlocatie (de oever van de Dommel) bestaan uit gras, bomen en de reeds gerealiseerde natuurvriendelijke oever. Dit alles tezamen is minder dan de 50 meter breed die een EVZ in bebouwd gebied zou moeten zijn. De zone heeft volgens de gemeente Eindhoven op deze locatie geen essentiële functie voor de aangewezen doelsoorten van de EVZ. Het project en het verkleinen van de EVZ heeft daarmee volgens de gemeente Eindhoven geen significant negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het aangewezen NNB.

3. Bent u met ons eens dat de breedte van deze EVZ in het NNB niet toereikend is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe gaat u dit corrigeren?

4. Wanneer is de natuurvriendelijke oever gerealiseerd? En is deze natuurvriendelijke oever gerealiseerd ter vervanging van een EVZ?

5. Natuurvriendelijke oevers worden tegenwoordig regelmatig ingericht in plaats van een EVZ. Waarom is op deze locatie een natuurvriendelijke oever aangelegd, als deze volgens de gemeente Eindhoven geen essentiële functie heeft?

6. Door wie en op welke wijze is bepaald dat de EVZ op deze locatie geen essentiële functie heeft? Graag ontvangen wij een ecologische onderbouwing.

7. Komt het vaker voor dat natuurvriendelijke oevers geen essentiële functie hebben en dus gemakkelijk terzijde worden geschoven? Zo ja, op welke locaties is dit nog meer aan de orde?

Om te borgen dat het terrein, met name de oeverzone en Dommel, in haar huidige omvang en kwaliteit aanwezig blijft, worden meerdere mitigerende maatregelen getroffen, waaronder een fysieke afscheiding, zodat de waarden niet degraderen.

8. Hoe gaat deze afscheiding er uit zien? En waarom wordt er een scherm geplaatst als mitigerende maatregel als er geen aantasting van de ecologische waarde plaatsvindt of als die volgens de gemeente Eindhoven afwezig zouden zijn?

Op 5 maart 2021 heeft de fractie van de Partij voor de Dieren vragen gesteld over ‘Eindhoven Internationale Knoop XL: ontwikkelvisie Fellenoord met bijbehorend ontwikkelkader’. Op vraag 10: Hoe wordt het niet verloren gaan van groen geborgd? Antwoordde u: Er gaat geen groen verloren in en rond de Dommel en daarnaast wordt er bij de inrichting van de nieuwe Fellenoord zo veel mogelijk groen toegevoegd.

9. Bent u met ons eens dat u deze uitspraak moet eerbiedigen en derhalve geen groen in en rond de Dommel verloren mag laten gaan? Zo nee, waarom niet?

10. Waarom staat er in het voorstel voor de ontwikkelvisie Fellenoord nadrukkelijk dat er geen groen verloren gaat in Fellenoord, maar wordt er door u bij de ontwikkelingen rond EDGE geen aanstalten gemaakt om groen te behouden of te beschermen? En waarom zou dan bij de ontwikkeling van EDGE wel gekozen worden voor het verdwijnen van het NNB?

In en grenzend aan het plangebied staan 31 volwassen bomen, waaronder zomereiken, platanen en paardenkastanjes. Van deze 31 bomen zullen volgens het plan 14 bomen worden geveld. 7 Bomen (de platanen aan de Stationsweg) worden gekandelaberd, een snoeitechniek waardoor habitat en nestelgelegenheid voor vogels aanzienlijk wordt verminderd. Er blijven dus 10 intacte volwassen bomen over. Deze informatie komt uit het document ‘EDGE Eindhoven Groenplan’. In hetzelfde document wordt een bijdrage aan het hittestress-effect in het centrum van Eindhoven door afwezigheid van groen en het hoge aantal geasfalteerd oppervlak benoemd.

11. Bent u met ons van mening dat de 31 bomen, juist vanwege hun locatie, essentieel zijn in de strijd tegen klimaatverandering en in het tegengaan van hittestress in het bijzonder en daarom moeten worden behouden? Zo nee, waarom niet?

12. Bent u met ons van mening dat, ongeacht dat de gevelde bomen worden gecompenseerd, het vele jaren zal duren voordat de nieuw aangeplante bomen een gelijkwaardige ecologische kwaliteit als de huidige volwassen bomen hebben? Zo nee, waarom niet?

13. Bent u bereid de gemeente te verzoeken om alle bomen niet te vellen en het plan hierop aan te passen? Zo nee, waarom niet?

14. Bij de ontwikkelvisie Fellenoord zegt u dat er in het plangebied weinig groen is, en er in de toekomst in ieder geval geen groen verloren gaat maar juist bij komt. Waarom zou dan bij de ontwikkeling van EDGE wel groen verdwijnen door het kappen van bomen en het verkleinen van de grasstrook?

15. Bent u het met ons eens dat de ontwikkelingen van EDGE over het randje gaan als het gaat om behouden van natuur en natuurbescherming? Zo ja, op welke wijze? Zo, nee waarom niet?

16. Gaat u zich inspannen om de plannen dusdanig te (laten) wijzigen dat de EVZ in stand blijft, maar ook groen maximaal behouden blijft? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?


Wij vernemen graag uw reactie en danken u bij voorbaat voor de beantwoording.

Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel
Partij voor de Dieren Noord-Brabant

Indiendatum: 23 jun. 2021
Antwoorddatum: 20 jul. 2021

De komst van woon- en werkcomplex EDGE Eindhoven kan zorgen voor een (planologische) verkleining van de Ecologische Verbindingszone (EVZ) in het plangebied. Het plan houdt onder meer in dat de strook asfalt van het parkeerterrein aan de Stationsweg vervalt en dus niet wordt ingericht als EVZ, en dat er nog een stuk van de aangrenzende grasstrook wordt afgehaald. Daarmee wordt de EVZ duidelijk smaller dan in de Omgevingsverordening staat. De functie wordt verder aangetast door het weghalen van bomen. Dit heeft bij ons geleid tot de volgende vragen.

1. Heeft u een zienswijze ingediend op dit plan, zodat de EVZ volgens eerdere afspraken in het geheel kan worden gerealiseerd? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, wij hebben geen zienswijze ingediend tegen het plan, aangezien de provinciale ruimtelijke belangen niet in het geding zijn. De EVZ is ter hoogte van het plangebied voor genoemd woon- en werkcomplex reeds ingericht en heeft ook deze status in het Natuurbeheerplan.


2. Bent u akkoord gegaan met het versmallen van de EVZ aldaar, of bent u dit voornemens? Zo ja, op welke wijze kunt u uw besluit onderbouwen?

Antwoord:
Ja, op 15 juni jl hebben wij besloten het verzoek tot wijziging van de begrenzing van de werkingsgebieden NNB-EVZ en Waterberging te honoreren. Hieraan heeft de volgende overweging ten grondslag gelegen: “Voor de ecologische verbindingszones geldt in algemene zin een beperkt beschermingsregime, gericht op het bieden van basisbescherming. Een ecologische verbindingszone wordt aangeduid met een concreet (zoek)gebied. De ecologische verbindingszone is ter hoogte van het plangebied reeds gerealiseerd en ingericht en als zodanig vastgelegd in het Natuurbeheerplan. De gronden waar het werkingsgebied NNB-EVZ komt te vervallen, zijn gelegen buiten de ingerichte EVZ en het werkingsgebied NNB-EVZ heeft aldaar als basisbescherming geen functie meer. Met het oog daarop is het logisch dat de begrenzing wordt aangepast.”
De feitelijk ingerichte EVZ wordt derhalve niet versmald, maar een deel van de beschermingszone komt te vervallen.


De ecologische waarden en kenmerken van het Natuurwerk Brabant (NNB) op de planlocatie (de oever van de Dommel) bestaan uit gras, bomen en de reeds gerealiseerde natuurvriendelijke oever. Dit alles tezamen is minder dan de 50 meter breed die een EVZ in bebouwd gebied zou moeten zijn. De zone heeft volgens de gemeente Eindhoven op deze locatie geen essentiële functie voor de aangewezen doelsoorten van de EVZ. Het project en het verkleinen van de EVZ heeft daarmee volgens de gemeente Eindhoven geen significant negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden van het aangewezen NNB.

3. Bent u met ons eens dat de breedte van deze EVZ in het NNB niet toereikend is? Zo nee, waarom niet? Zo ja, hoe gaat u dit corrigeren?

Antwoord:
Voor het optimaal functioneren van een EVZ voor alle doelsoorten in het stedelijk gebied is het gewenst dat een EVZ voldoende robuust wordt uitgevoerd. Veelal is geen sprake van een brede zone in een stedelijke omgeving en is er sprake een smalle corridor (waterloop met oever), die als migratieroute voldoende kan functioneren. Wij hebben de EVZ als gerealiseerd beschouwd en om deze reden ook medewerking verleend aan het herbegrenzingsbesluit.


4. Wanneer is de natuurvriendelijke oever gerealiseerd? En is deze natuurvriendelijke oever gerealiseerd ter vervanging van een EVZ?

Antwoord:
De natuurvriendelijke oever is rond 2013 gerealiseerd, als aanleg van de EVZ, project Dommel Natuurlijk Schoon, door het waterschap in samenwerking met gemeente Eindhoven. De EVZ heeft daarna de status gerealiseerd gekregen.


5. Natuurvriendelijke oevers worden tegenwoordig regelmatig ingericht in plaats van een EVZ. Waarom is op deze locatie een natuurvriendelijke oever aangelegd, als deze volgens de gemeente Eindhoven geen essentiële functie heeft?

Antwoord:
Voor het doen van uitspraken over het ecologisch functioneren van een EVZ is een beoordeling over de hele gerealiseerde EVZ nodig. Er is een grote variatie in de breedte en de inrichting van de EVZ langs de Dommel in het centrum van Eindhoven. Soorten krijgen in de EVZ langs de Dommel volop kansen om te migreren.


6. Door wie en op welke wijze is bepaald dat de EVZ op deze locatie geen essentiële functie heeft? Graag ontvangen wij een ecologische onderbouwing.

Antwoord:
In de RDHDV-beoordeling ‘effecten op ecologische verbindingszone Dommel’ (29 mei 2020) wordt nader ingegaan op de functie van de EVZ en is geconcludeerd dat deze geen essentiële functie heeft.


7. Komt het vaker voor dat natuurvriendelijke oevers geen essentiële functie hebben en dus gemakkelijk terzijde worden geschoven? Zo ja, op welke locaties is dit nog meer aan de orde?

Antwoord:
Wij zijn van mening dat natuurvriendelijke oevers kansen bieden voor soorten om te migreren.


Om te borgen dat het terrein, met name de oeverzone en Dommel, in haar huidige omvang en kwaliteit aanwezig blijft, worden meerdere mitigerende maatregelen getroffen, waaronder een fysieke afscheiding, zodat de waarden niet degraderen.

8. Hoe gaat deze afscheiding er uit zien? En waarom wordt er een scherm geplaatst als mitigerende maatregel als er geen aantasting van de ecologische waarde plaatsvindt of als die volgens de gemeente Eindhoven afwezig zouden zijn?

Antwoord:
In de RDHDV-beoordeling ’effecten op ecologische verbindingszone Dommel’ (29 mei 2020) is in figuur 4.7 aangegeven dat de fysieke afscheiding wordt gevormd door de muur van de parkeergarage. Er wordt geen scherm geplaatst, maar door de situering van het gebouw wordt de EVZ niet toegankelijk gemaakt voor bewoners/wandelaars of passanten om te betreden. Hiermee wordt verstoring door betreding voorkomen.


Op 5 maart 2021 heeft de fractie van de Partij voor de Dieren vragen gesteld over ‘Eindhoven Internationale Knoop XL: ontwikkelvisie Fellenoord met bijbehorend ontwikkelkader’. Op vraag 10: Hoe wordt het niet verloren gaan van groen geborgd? Antwoordde u: Er gaat geen groen verloren in en rond de Dommel en daarnaast wordt er bij de inrichting van de nieuwe Fellenoord zo veel mogelijk groen toegevoegd.

9. Bent u met ons eens dat u deze uitspraak moet eerbiedigen en derhalve geen groen in en rond de Dommel verloren mag laten gaan? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja, wij zijn van mening, voor zover wij daar vanuit de provinciale bevoegdheid een rol hebben, bij de inrichting van het terrein aan te sluiten op de aanwezige natuurwaarden, en deze waar mogelijk te versterken. In het ontwerp van EDGE wordt hier ook invulling aangegeven. Voor de buitenruimte van Lichthoven fase 2 is door Bureau ZUS een voorlopig ontwerp voor de buitenruimte opgesteld
Wij hebben begrepen dat het voorlopig ontwerp tevens onderdeel is van de aanvraag omgevingsvergunning. In februari 2020 is een visie opgesteld voor de publieke buitenruimte van Lichthoven. De visie ‘pocketpark met stadssingel' gaat uit van een sterke verankering aan de Dommelzone met vergroening en routes.
Er worden natuur-inclusieve maatregelen opgenomen in de uitwerking van het ontwerp van de gebouwen en de inrichting van het plangebied.


10. Waarom staat er in het voorstel voor de ontwikkelvisie Fellenoord nadrukkelijk dat er geen groen verloren gaat in Fellenoord, maar wordt er door u bij de ontwikkelingen rond EDGE geen aanstalten gemaakt om groen te behouden of te beschermen? En waarom zou dan bij de ontwikkeling van EDGE wel gekozen worden voor het verdwijnen van het NNB?

Antwoord:
Zie antwoord bij vraag 2 en vraag 9.


In en grenzend aan het plangebied staan 31 volwassen bomen, waaronder zomereiken, platanen en paardenkastanjes. Van deze 31 bomen zullen volgens het plan 14 bomen worden geveld. 7 Bomen (de platanen aan de Stationsweg) worden gekandelaberd, een snoeitechniek waardoor habitat en nestelgelegenheid voor vogels aanzienlijk wordt verminderd. Er blijven dus 10 intacte volwassen bomen over. Deze informatie komt uit het document ‘EDGE Eindhoven Groenplan’. In hetzelfde document wordt een bijdrage aan het hittestress-effect in het centrum van Eindhoven door afwezigheid van groen en het hoge aantal geasfalteerd oppervlak benoemd.

11. Bent u met ons van mening dat de 31 bomen, juist vanwege hun locatie, essentieel zijn in de strijd tegen klimaatverandering en in het tegengaan van hittestress in het bijzonder en daarom moeten worden behouden? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Het rooien van de bomen in relatie tot klimaatverandering en hittestress is een beleidskeuze van de gemeente. Wij hebben daar geen stem in.


12. Bent u met ons van mening dat, ongeacht dat de gevelde bomen worden gecompenseerd, het vele jaren zal duren voordat de nieuw aangeplante bomen een gelijkwaardige ecologische kwaliteit als de huidige volwassen bomen hebben? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja, maar de vergroening van de plangebied EDGE zal meerwaarde hebben ten opzichte van de huidige situatie voor biodiversiteit.


13. Bent u bereid de gemeente te verzoeken om alle bomen niet te vellen en het plan hierop aan te passen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, zie antwoord bij vraag 11. Daarnaast kunnen we dit ook niet vragen op basis van de Wet Natuurbescherming (WNB). Het onderdeel houtopstanden is niet van toepassing op houtopstanden, gelegen binnen de bebouwde kom. Ten aanzien van kappen en herplant van deze houtopstanden heeft de provincie geen bevoegdheden of controlerende taken.


14. Bij de ontwikkelvisie Fellenoord zegt u dat er in het plangebied weinig groen is, en er in de toekomst in ieder geval geen groen verloren gaat maar juist bij komt. Waarom zou dan bij de ontwikkeling van EDGE wel groen verdwijnen door het kappen van bomen en het verkleinen van de grasstrook?

Antwoord:
Wij zijn van mening dat er geen strijdigheid is met provinciaal belang en op basis van het groenplan een invulling wordt gegeven aan de groenstructuur binnen het plangebied (zie verder antwoord bij vraag 9)


15. Bent u het met ons eens dat de ontwikkelingen van EDGE over het randje gaan als het gaat om behouden van natuur en natuurbescherming? Zo ja, op welke wijze? Zo, nee waarom niet?

Antwoord:
Ontwikkelingen blijven buiten de EVZ zone, daar waar de beschermingszone vervalt is in de feitelijke situatie sprake van een verhard parkeerterrein met de vigerende bestemming Centrumdoeleinden. Voor zover het plangebied samenvalt met de EVZ-zone wordt een Natuurbestemming toegekend, welke is gericht op borging en bescherming van de natuurwaarden.


16. Gaat u zich inspannen om de plannen dusdanig te (laten) wijzigen dat de EVZ in stand blijft, maar ook groen maximaal behouden blijft? Zo ja, op welke wijze? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee, wij zien geen reden voor wijziging van de plannen, de EVZ is gerealiseerd en wordt niet aangetast. De EVZ krijgt in het bestemmingsplan de bestemming Natuur en hiermee worden de natuurwaarden geborgd. Wij hebben geconcludeerd dat provinciale belangen niet in het geding zijn.