Vragen over het verzoek van de FBE om de lege­skosten voor fauna­schade te hero­ver­wegen en waar mogelijk aan te passen


Geacht college,

Voor de aanvraag van een tegemoetkoming in de kosten van faunaschade wordt een behandelbedrag in rekening gebracht om een gedeelte van de kosten van behandeling van de aanvraag te dekken. Ook moet het behandelbedrag voorkomen dat lichtvaardig wordt omgegaan met het aanvragen van tegemoetkomingen voor heel kleine schades. Nu verzoekt de FBE de legeskosten voor faunaschade te heroverwegen en waar mogelijk aan te passen, zodat het melden van schades wordt gestimuleerd. Dit leidt volgens de FBE tot beter inzicht in de hoogte van de schades.

Wij hebben hierover aan u de volgende vragen.

1. Is er voor u aanleiding om te denken dat als de legeskosten voor faunaschade worden heroverwogen en waar mogelijk verlaagd, er in de toekomst niet lichtzinnig wordt omgegaan met het aanvragen van tegemoetkomingen voor heel kleine schades?

2. Is het juist dat de kosten voor behandeling van een aanvraag van een tegemoetkoming in de kosten van faunaschade veel hoger zijn dan het behandelbedrag dat nu in rekening wordt gebracht, en dat de aanvrager dus al meer dan andere ondernemers, wordt bevoordeeld? Zo nee, waarom niet?

3. Waarom is de keuze gemaakt om de betreffende leges in afwijking van de provinciale legesverordening niet kostendekkend te maken, en zo in te gaan tegen provinciaal beleid?

4. Is het juist dat, wanneer het behandelbedrag komt te vervallen, de kosten van behandeling veelal weer fors hoger zullen zijn dan het bedrag dat aan schadevergoeding wordt uitgekeerd (vanwege alle aanvragen voor vergoedingen van kleine schades) en er zo, bovenop het feit dat het behandelbedrag al niet kostendekkend is, er nog een extra kostenpost ontstaat voor de provincie Noord-Brabant? Zo nee, waarom niet?

5. In 2017 hebt u de aanbeveling van de FBE om het behandelbedrag te restitueren na toekenning van de schadevergoeding, naast u neergelegd. Is de situatie nu zodanig veranderd dat heroverweging van dit besluit gerechtvaardigd is? Zo ja in welke zin?

6. Kunt u inschatten hoeveel extra geld het de provincie gaat kosten wanneer het behandelbedrag wordt herzien of losgelaten? Zo nee, waarom niet?

7. Kunt u bij BIJ12 nagaan wat de gemiddelde kosten zijn van een behandeling van een aanvraag voor schadevergoeding, inclusief taxatie van de schade? Zo nee, waarom niet?

De FBE stelt dat door het kosteloos maken van de aanvraag tot schadevergoeding, beter inzicht kan worden verkregen in de hoogte van de schades doordat schadelijders weer meer schade gaan melden. Het aantal meldingen van kleinere schades loopt terug. Echter Het melden van (kleine) schades waarbij geen tegemoetkoming wordt aangevraagd is gratis. Toch stelt de FBE dat een belangrijk deel van de schades op dit moment buiten beeld blijft.

8. Het instellen van de regeling heeft volgens de FBE landelijk geleid tot een sterke afname in het aantal schademeldingen. Schades kunnen echter kosteloos worden gemeld. Bent u het met ons eens dat dit voldoende mogelijkheid geeft om alle schades die in de beleving van de agrariër relevant zijn, te melden? Zo nee waarom niet?

9. Bent u met ons van mening dat de FBE zoveel mogelijk schademeldingen wil verzamelen om haar beleid van afschot onder de noemer schadebestrijding, te bestendigen? Zo nee, waarom niet?

10. Bent u met ons van mening dat het verzoek van de FBE met name de vooringenomenheid van de FBE voor hun eigen afschotbeleid onderstreept? Zo nee, waarom niet?

11. Bent u met ons eens dat het de verantwoordelijkheid van de schadelijder is, dat er alleen nog maar schade wordt gemeld bij zicht op uitkering van een schadevergoeding?

12. Is het mogelijk om in Noord-Brabant de meldingsprocedure te vereenvoudigen zoals bijvoorbeeld in Overijssel gebeurt via een app, zodat het gemakkelijker wordt voor een agrariër om schade te melden?

Er zijn provincies die er in tegenstelling tot Noord-Brabant voor kiezen om het behandelbedrag te restitueren wanneer de aanvraag wordt gehonoreerd. Er zijn ook provincies die hetzelfde beleid voeren als de provincie Noord-Brabant. De FBE stelt dat dit verschil grondgebruikers in verwarring brengt en een gevoel van onrechtvaardigheid geeft.

13. Bent u van mening dat ten minste een deel van de legeskosten voor rekening van de aanvrager moet blijven, met name omdat de leges nu al niet kostendekkend zijn?

14. Bent u van mening dat die provincies die het behandelbedrag restitueren wanneer de aanvraag wordt gehonoreerd, en de enkele provincie (Limburg) die geen legeskosten in rekening brengt, zich moeten conformeren naar onze legesverordening en weer een niet restitueerbaar behandelbedrag moeten hanteren? Zo nee, waarom niet?

15. Bent u van mening dat elke provincie de bevoegdheid heeft om onafhankelijk van andere Nederlandse provincies een legesverordening vast te stellen? Zo nee, waarom niet?

Wij zien uw antwoorden met belangstelling tegemoet.


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel,
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 3 dec. 2019

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Is er voor u aanleiding om te denken dat als de legeskosten voor faunaschade worden heroverwogen en waar mogelijk verlaagd, er in de toekomst niet lichtzinnig wordt omgegaan met het aanvragen van tegemoetkomingen voor heel kleine schades?

Antwoord:
Nee.


2. Is het juist dat de kosten voor behandeling van een aanvraag van een tegemoetkoming in de kosten van faunaschade veel hoger zijn dan het behandelbedrag dat nu in rekening wordt gebracht, en dat de aanvrager dus al meer dan andere ondernemers, wordt bevoordeeld? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja. Het huidige legestarief van € 300,- dekt ca. 50% van de gemiddelde kosten voor het behandelen van verzoeken om tegemoetkoming in faunaschade.


3. Waarom is de keuze gemaakt om de betreffende leges in afwijking van de provinciale legesverordening niet kostendekkend te maken, en zo in te gaan tegen provinciaal beleid?

Antwoord:
Met ingang van 1 januari 2017 zijn Gedeputeerde Staten op basis van de Wet natuurbescherming bevoegd voor het verlenen van tegemoetkoming in faunaschade. Voorafgaand aan de inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming hebben de 12 provincies afgesproken het behandelbedrag van € 300,-, zoals dat voor inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming werd gehanteerd door het Faunafonds, te continueren. Omdat provincies voor de inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming reeds het Faunafonds financierden had voortzetting van het tarief van het Faunafonds geen financiële gevolgen voor de begroting. Om deze twee redenen hebben wij in Statenvoorstel 93/16A inzake de Vijfde wijzigingsverordening Legesverordening Noord-Brabant 2012 en voorstel begrotingswijziging legestarieven 2017 aan uw Staten voorgesteld het niet kostendekkende tarief van € 300,- te continueren. Uw Staten hebben hier op 15 november 2016 mee ingestemd.


4. Is het juist dat, wanneer het behandelbedrag komt te vervallen, de kosten van behandeling veelal weer fors hoger zullen zijn dan het bedrag dat aan schadevergoeding wordt uitgekeerd (vanwege alle aanvragen voor vergoedingen van kleine schades) en er zo, bovenop het feit dat het behandelbedrag al niet kostendekkend is, er nog een extra kostenpost ontstaat voor de provincie Noord-Brabant? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja. Als het huidige legestarief voor het in behandeling nemen van tegemoetkoming in faunaschade komt te vervallen, zullen de uitvoeringskosten stijgen en zal tevens het totaal aan te verlenen tegemoetkoming in faunaschade stijgen.


5. In 2017 hebt u de aanbeveling van de FBE om het behandelbedrag te restitueren na toekenning van de schadevergoeding, naast u neergelegd. Is de situatie nu zodanig veranderd dat heroverweging van dit besluit gerechtvaardigd is? Zo ja in welke zin?

Antwoord:
Nee. Voor de volledigheid merken wij hierbij op dat het vaststellen van het betreffende legestarief of het al dan niet restitueren daarvan, een bevoegdheid is van Provinciale Staten en niet van Gedeputeerde Staten. Omdat wij geen aanleiding zien hier iets in te wijzigingen hebben wij hiervoor geen voorstel gedaan in de door uw staten op 8 november vastgestelde Begroting 2020. De via de Begroting 2020 vastgestelde legestarieven zijn opgenomen in op 6 december door u te behandelen Statenvoorstel 52/19 inzake de negende wijzigingsverordening Legesverordening Noord-Brabant 2012.


6. Kunt u inschatten hoeveel extra geld het de provincie gaat kosten wanneer het behandelbedrag wordt herzien of losgelaten? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Wij verwachten dat afschaffing van het legestarief voor de behandeling van verzoeken om tegemoetkoming in faunaschade zal leiden tot een kostenstijging van ca. € 100.000,-. Hierbij merken wij op dat dit een inschatting is omdat het effect van afschaffen of restitueren van het legestarief afhankelijk is van diverse variabele factoren. Als gekozen wordt voor restitutie van het leges na toekenning van een tegemoetkoming in faunaschade zal de kostenstijging mogelijk lager zijn. Een inschatting hiervan is niet mogelijk.


7. Kunt u bij BIJ12 nagaan wat de gemiddelde kosten zijn van een behandeling van een aanvraag voor schadevergoeding, inclusief taxatie van de schade? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
De gemiddelde kosten voor het behandelen van een verzoek om tegemoetkoming bedragen ca € 600,- per verzoek.


8. Het instellen van de regeling heeft volgens de FBE landelijk geleid tot een sterke afname in het aantal schademeldingen. Schades kunnen echter kosteloos worden gemeld. Bent u het met ons eens dat dit voldoende mogelijkheid geeft om alle schades die in de beleving van de agrariër relevant zijn, te melden? Zo nee waarom niet?

Antwoord:
Ja.


9. Bent u met ons van mening dat de FBE zoveel mogelijk schademeldingen wil verzamelen om haar beleid van afschot onder de noemer schadebestrijding, te bestendigen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. De Faunabeheereenheid heeft een coördinerende en faciliterende rol bij de uitvoering van beheer en schadebestrijding. De Faunabeheereenheid doet dit conform het door ons goedgekeurde Faunabeheerplan. Het geven van inzicht in de omvang van faunaschade is daar onderdeel van en noodzakelijk om in de toekomst faunaschade te kunnen voorkomen.


10. Bent u met ons van mening dat het verzoek van de FBE met name de vooringenomenheid van de FBE voor hun eigen afschotbeleid onderstreept? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Zie ons antwoord op vraag 9.


11. Bent u met ons eens dat het de verantwoordelijkheid van de schadelijder is, dat er alleen nog maar schade wordt gemeld bij zicht op uitkering van een schadevergoeding?

Antwoord:
Nee. Wij gaan ervan uit dat een grondgebruiker die faunaschade heeft, in beginsel slechts een tegemoetkoming vraagt als hij of zij verwacht in aanmerking te komen voor een tegemoetkoming. Uw mening dat het hierbij gaat om een verantwoordelijkheid van de grondgebruiker delen wij niet.


12. Is het mogelijk om in Noord-Brabant de meldingsprocedure te vereenvoudigen zoals bijvoorbeeld in Overijssel gebeurt via een app, zodat het gemakkelijker wordt voor een agrariër om schade te melden?

Antwoord:
Wij zien hiertoe geen aanleiding. Meldingen van faunaschade kunnen digitaal worden gedaan via het Landelijk Meldpunt Faunaschade. Dit meldpunt is voldoende gebruikersvriendelijk ingericht.


13. Bent u van mening dat ten minste een deel van de legeskosten voor rekening van de aanvrager moet blijven, met name omdat de leges nu al niet kostendekkend zijn?

Antwoord:
Zie ons antwoord op vraag 5.


14. Bent u van mening dat die provincies die het behandelbedrag restitueren wanneer de aanvraag wordt gehonoreerd, en de enkele provincie (Limburg) die geen legeskosten in rekening brengt, zich moeten conformeren naar onze legesverordening en weer een niet restitueerbaar behandelbedrag moeten hanteren? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Nee. Provinciale Staten van elke provincie zijn bevoegd hier een eigenstandig besluit in te nemen.


15. Bent u van mening dat elke provincie de bevoegdheid heeft om onafhankelijk van andere Nederlandse provincies een legesverordening vast te stellen? Zo nee, waarom niet?

Antwoord:
Ja, zie ons antwoord op vraag 14.


Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA