Vragen over urgen­tie­gebied Voorste Heistraat - Heikant in Oirschot


Schriftelijke vragen van de Statenfractie van de Partij voor de Dieren aan het college van Gedeputeerde Staten van de provincie Noord-Brabant betreffende urgentiegebied Voorste Heistraat - Heikant in Oirschot.


Geacht college,

Op 7 november jl. heeft het College van B&W van Oirschot het ‘verbeterplan’ voor urgentiegebied Voorste Heistraat-Heikant vastgesteld. De gemeente maakt voor dit urgentiegebied gebruik van het Urgentieteam.

Stichting Landgoed Baest en Stichting Groen Kempenland vrezen voor de aantasting van de gezondheid van omwonenden en voor de gevolgen voor het landschap, omdat het verbeterplan ruimte biedt aan veehouderijen met in totaal 20.000 varkens. De zorg gaat specifiek uit naar het Rijksmonumentaal beschermde Landgoed Baest met de bijhorende kwetsbare natuur. De kwaliteit van de bossen, de gronden, de waterhuishouding en de biodiversiteit van deze “Parel in het Groen” worden volgens de twee stichtingen al decennia lang aangetast door de emissies van de omliggende intensieve veehouderij.

Het urgentiegebied bevindt zich op enkele honderden meters afstand van provinciale EHS (NNB).

Op het landgoed Baest bevindt zich sinds 2016 een biologisch-dynamisch landbouwbedrijf, waarvoor ondersteuning is verkregen van onder meer de provincie (een financiering van € 800.000). Het bedrijf is genomineerd voor de Kempen-trofee en voor de landelijke prijs van Ecoland wegens innovatieve en duurzame landbouw.

Wij hebben hierover een aantal vragen.

1. Welke inhoudelijk rol heeft de provincie gehad bij het opstellen van dit verbeterplan?

2. Is het verbeterplan geheel in lijn met de Uitvoeringsagenda Brabantse Agrofood 2016-2020 (UBA)? Zo ja, kunt u aangeven hoe aan welke UBA-doelstellingen wordt voldaan? Zo nee, op welke vlakken niet en wat gaat u hiertegen doen?

3. Wat is de juridische status van het verbeterplan?

4. Zijn er afspraken gemaakt over nieuwe Nbw-vergunningen voor de veehouderijen in het urgentiegebied? Zo ja, zijn hiervoor al aanvragen ontvangen en welke rechtsgevolgen hebben deze vergunningen?

5. Hoe is het gesteld met de ecologische toestand van de NNB-gebieden ten oosten en westen van het urgentiegebied?

In de oplossingsrichting voor Voorste Heistraat 7 staat beschreven:
De gemeente Oirschot en de provincie Noord-Brabant werken mee aan het bestemmen van de woning Voorste Heistraat 5 als 2e bedrijfswoning en aan het vergroten van het bouwblok, zodat de extra stal en de 2e bedrijfswoning binnen één en hetzelfde bouwblok vallen. Het aantal dieren op Voorste Heistraat 7 neemt ten opzichte van de huidige vergunde situatie op Heikant 3a en Voorste Heistraat 7 af met 8%

6. Waaruit bestaat de medewerking van de provincie?

7. Wat zijn de redenen en/of oorzaken van de afname van 8% van het te houden aantal dieren op Voorste Heistraat 7, na de aanpassingen?

De uitbreiding van het bedrijf aan Voorste Heistraat 7 zal plaatsvinden d.m.v. staldering met staloppervlak van het, met gebruikmaking van de SUN-regeling, te saneren bedrijf aan Heikant 3a. Uit de Vergunningssituatie Wabo van het bedrijf aan Heikant 3a blijkt dat het vereiste luchtwassysteem in 2016 niet aanwezig was. “De stallen voldoen niet aan het Besluit emissiearme huisvesting.

Voor staldering geldt dat staloppervlakte van een sanerende veehouder alleen voor uitbreiding ingezet mag worden indien deze oppervlakte “op 17 maart 2017 en de daaraan voorafgaande drie jaar legaal en onafgebroken bedrijfsmatig [is] gebruikt voor de Hokdierhouderij”.

8. Hoe kan staldering tussen de bedrijven aan Voorste Heistraat 7 en aan Heikant 3a plaatsvinden, nu is geconstateerd dat de oppervlakte van het bedrijf aan Heikant 3a in de voorafgaande drie jaar voor 17 maart 2017 níet legaal is gebruikt?

9. Heeft het bedrijf aan Voorste Heistraat 7 al een stalderingsbewijs? Zo ja, bent u bereid dit bewijs terug te vorderen?


Met vriendelijke groet,

Marco van der Wel,
Partij voor de Dieren

Antwoorddatum: 5 feb. 2018

Wij beantwoorden deze vragen als volgt.


1. Welke inhoudelijk rol heeft de provincie gehad bij het opstellen van dit verbeterplan?

Antwoord:
De provincie Noord-Brabant heeft geen formele inhoudelijke rol gehad bij de totstandkoming van het verbeterplan. Dit plan is op initiatief van de gemeente Oirschot in samenspraak met betrokken ondernemers en overige betrokkenen in het urgentiegebied tot stand gekomen. Het verbeterplan is ondertekend door de gemeente en alle betrokkenen in het urgentiegebied. Er heeft afstemming met de provincie plaatsgevonden om te toetsen of bepaalde oplossingsrichtingen uitvoerbaar zijn vanuit juridisch en ruimtelijk perspectief.

Tevens is in overleg met de provincie bezien of bepaalde maatregelen in aanmerking zouden kunnen komen voor subsidie op basis van de Subsidieregeling urgentiegebieden Noord-Brabant 2016 (SUN).


2. Is het verbeterplan geheel in lijn met de Uitvoeringsagenda Brabantse Agrofood 2016-2020 (UBA)? Zo ja, kunt u aangeven hoe aan welke UBAdoelstellingen wordt voldaan? Zo nee, op welke vlakken niet en wat gaat u hiertegen doen?

Antwoord:
Het verbeterplan is in lijn met de UBA. De UBA kent 6 pijlers die allen bijdragen aan de transitiedoelstellingen. Eén van de pijlers betreft de aanpak van overlast. Daar waar zich knelpunten voordoen die lokaal veel overlast geven zoeken betrokkenen naar een lokale oplossing. Met als basis de constructieve dialoog tussen lokale betrokkenen, met de gemeente als trekker.

Het gaat om knelpunten op het gebied van geur, fijnstof en de beleving van de kwaliteit van de leefomgeving.

In deze casus zijn de direct betrokkenen door middel van een constructieve dialoog tot een oplossing gekomen waarbij de kwaliteit van de leefomgeving verbetert. De emissies van geur en fijnstof nemen af met respectievelijk 54% en 50 %.


3. Wat is de juridische status van het verbeterplan?

Antwoord:
Het verbeterplan is ondertekend door de subsidieaanvrager en heeft de instemming van alle betrokkenen in het urgentiegebied en de desbetreffende gemeente. De SUN voorziet in de mogelijkheid om projecten inzake aanpassing, beëindiging of verplaatsing van agrarische bedrijven voor subsidie in aanmerking te laten komen, mits zij deel uitmaken van een verbeterplan, welke leidt tot het blijvend opheffen van de overlast. Een verbeterplan is dus één van de subsidievereisten maar heeft geen zelfstandige juridische status.

Vaststelling van het verbeterplan is geen besluit dat op enig rechtsgevolg is gericht en daardoor vatbaar wordt voor bezwaar en beroep. Het verbeterplan kan wel de vermelding van juridische instrumenten bevatten die ingezet kunnen worden om de in het verbeterplan genoemde maatregelen te kunnen realiseren.


4. Zijn er afspraken gemaakt over nieuwe Nbw-vergunningen voor de veehouderijen in het urgentiegebied? Zo ja, zijn hiervoor al aanvragen ontvangen en welke rechtsgevolgen hebben deze vergunningen

Antwoord:
Nee.


5. Hoe is het gesteld met de ecologische toestand van de NNB-gebieden ten oosten en westen van het urgentiegebied?

Antwoord:
De web site Natuur IN Zicht biedt informatie over de ecologische toestand van het Natuurnetwerk Brabant. Van de gevraagde gebieden hebben wij echter geen gedetailleerde informatie beschikbaar.


6. Waaruit bestaat de medewerking van de provincie?

Antwoord:
Het verbeterplan vraagt om medewerking door ons college aan een ruimer bouwblok voor de locatie Voorste Heistraat 7. Wij hebben in principe hiervoor de bevoegdheid door het stellen van nadere regels op basis van artikel 38.3 van de Verordening ruimte ‘Nadere regels gebiedsaanpak overbelaste gebieden veehouderij’. Wij hebben nog geen besluit in deze genomen; de gemeente moet nog een verzoek indienen. Ingeval wij te zijner tijd besluiten tot het stellen van nadere regels informeren wij uw Staten daarover.


7. Wat zijn de redenen en/of oorzaken van de afname van 8% van het te houden aantal dieren op Voorste Heistraat 7, na de aanpassingen?

Antwoord:
De afname van het aantal dieren geldt niet voor Voorste Heistraat 7 alleen, maar voor de combinatie Heikant 3a en Voorste Heistraat 7. Heikant 3a stopt en Voorste Heide 7 breidt uit. Het totaal aantal varkens neemt hierdoor met 8% af.


8. Hoe kan staldering tussen de bedrijven aan Voorste Heistraat 7 en aan Heikant 3a plaatsvinden, nu is geconstateerd dat de oppervlakte van het bedrijf aan Heikant 3a in de voorafgaande drie jaar voor 17 maart 2017 níet legaal is gebruikt?

Antwoord:
Er is geen aanvraag voor de afgifte van een stalderingsbewijs ingediend bij het stalderingsloket, zodat wij niet hebben kunnen beoordelen of het bedrijf aan de Heikant 3a kan worden ingezet voor staldering. Wel is voor deze locatie een subsidie op basis van de SUN aangevraagd. Op basis van artikel 4 lid 5 van de Beleidsregel staldering Noord-Brabant is het dan bij toekenning van de subsidie niet mogelijk deze locatie in te zetten voor staldering. Het bedrijf aan de Voorste Heistraat 7 zal bij toekenning van subsidie anderszins aan zijn stalderingsverplichting moeten voldoen


9. Heeft het bedrijf aan Voorste Heistraat 7 al een stalderingsbewijs? Zo ja, bent u bereid dit bewijs terug te vorderen?

Antwoord:
Nee, er is geen aanvraag voor een stalderingsbewijs voor deze locatie ingediend.


Gedeputeerde Staten van Noord Brabant,

de voorzitter, de secretaris,
prof. dr. W.B.H.J. van de Donk drs. M.J.A. van Bijnen MBA